netherlandsnl
Drie jaar succesvol factorbeleggen in credits

Drie jaar succesvol factorbeleggen in credits

19-07-2018 | Visie

Factorbeleggen werkt ook op de creditmarkten. Ons fonds QI Global Multi-Factor Credits wist in de eerste drie jaar van zijn bestaan dan ook een sterke performance te realiseren.

  • Patrick  Houweling
    Patrick
    Houweling
    Head of Quant Credits

In het kort

  • Outperformance in eerste drie jaar bij lagere volatiliteit dan de benchmark
  • Factorbenadering maakt spreiding over stijlen mogelijk
  • Beheer van liquiditeit blijft zeer belangrijk
Ontdek de nieuwste inzichten op het gebied van duurzaamheid
Ontdek de nieuwste inzichten op het gebied van duurzaamheid
Aanmelden

Na vele succesvolle jaren op de aandelenmarkten begint factorbeleggen nu ook langzaam voet aan de grond te krijgen in de obligatiemarkten. Robeco loopt voorop bij deze ontwikkeling en heeft baanbrekend onderzoek gedaan naar dit onderwerp. Dit onderzoek leidde in 2015 tot de lancering van het fonds QI Global Multi-Factor Credits, dat onlangs drie jaar bestond.

Robeco QI Global Multi-Factor Credits zoekt naar een evenwichtige exposure naar de factoren low risk, quality, value, momentum en size in het wereldwijde universum voor investmentgradecredits. Deze strategie streeft naar een aantrekkelijke Sharpe-ratio en informatieratio door een outperformance te realiseren met een beta in de buurt van 1 dus bij een volatiliteit die vergelijkbaar is met de markt.

Natuurlijk waren er ook mindere periodes, vooral in 2016. De wereldwijde creditmarkten hadden toen te maken met sterke wisselingen, voornamelijk door flinke bewegingen van de grondstoffenprijzen en ingrepen van centrale banken. Maar ondanks de soms moeilijke omstandigheden wist de strategie door de jaren heen toch een aanzienlijk en relatief consistente outperformance te genereren.

Tussen juli 2015 en juni 2018 bedroeg het gemiddelde jaarlijkse rendement van het fonds 2,18% (vóór aftrek van vergoedingen), wat 0,46% hoger is dan dat van zijn referentie-index, de Bloomberg Barclays Global Aggregate Corporates Index Hedged EUR. Deze excess return ging gepaard met een lager risico dan de index, wat resulteerde in een Sharpe-ratio van 0,87 tegenover 0,69 voor de index.1 De informatieratio over deze periode bedroeg 0,73. Hierdoor liep het beheerde vermogen snel op, naar EUR 465 miljoen aan het eind van juni 2018.

“Onze jarenlange ervaring met onderzoek naar factorbeleggen op de creditmarkten – waarvoor we onlangs nog een award van de CFA Institute’s Financial Analysts Journal in ontvangst mochten nemen – en ons bewezen track record maken echt een groot verschil. De meeste van onze concurrenten bevinden zich nog maar in de beginfase”, zegt Patrick Houweling, hoofd van Quant Credits. “Daar komen onze uitgebreide ervaring op de obligatiemarkten en analyses die teruggaan tot de jaren 70 van de vorige eeuw nog bij, terwijl veel concurrenten op het gebied van kwantitatieve obligatiebeleggingen nog nieuwkomers zijn.”

De selectie van obligaties en issuers wordt bepaald op basis van een eigen multifactormodel, aangevuld met fundamentele controles. De strategie stelt een goed gespreide portefeuille samen met obligaties uit verschillende sectoren en regio’s. De geselecteerde obligaties hebben een sterke modelscore en geen risico's die buiten het bereik van het model vallen. Dit laatste wordt gecontroleerd door ons team van meer dan 20 fundamentele analisten. Ook worden systematisch duurzaamheidsbeoordelingen geïntegreerd in het beleggingsproces. De ESG-score van de portefeuille moet namelijk altijd hoger zijn dan die van de referentie-index.

Spreiding over stijlen via factorbeleggen

Ons kwantitatieve beleggingsproces profiteert van behavioral biases

Voor klanten die al beleggen in actief beheerde creditportefeuilles, maakt deze factorbenadering een spreiding over stijlen mogelijk door op een systematische manier alpha te genereren. Traditionele fondsen beleggen op basis van een fundamentele kijk op bedrijven en kunnen aanzienlijke betaposities innemen, maar onze benadering is gebaseerd op factoren en heeft een portefeuilleopbouwproces dat neutraal is wat betreft beta. En waar de beleggingsbeslissingen van fundamenteel beheerde fondsen beïnvloed kunnen worden door emoties van de portefeuillemanagers, profiteert ons kwantitatieve beleggingsproces juist van deze behavioral biases.

Verder kunnen fundamenteel beheerde strategieën met exposure naar één enkele factor over het algemeen niet voorkomen dat er factorbotsingen ontstaan. Bovendien zijn ze na verloop van tijd gevoelig voor stijlafwijkingen. Onze multifactorbenadering daarentegen maakt een evenwichtige en bestendige exposure naar de vijf goedbeloonde factoren mogelijk die we benutten in onze factorstrategieën voor credits.

Ons onderzoek toont aan dat deze belangrijke verschillen sinds de oprichting van QI Global Multi-Factor Credits hebben geleid tot een lage, grotendeels negatieve correlatie tussen de performance van het fonds en fundamenteel beheerde tegenhangers. Dat wil zeggen dat het toevoegen van een multifactormanager aan een bestaande pool van fundamentele managers zorgt voor een stabielere outperformance.

Geïntegreerd liquiditeitsbeheer

Een belangrijke eigenschap van ons beleggingsproces is dat het een unieke workflow voor liquiditeitsbeheer integreert in de portefeuilleopbouw. De liquiditeit van verschillende obligaties kan sterk uiteenlopen en die van een individuele obligatie kan ook behoorlijk schommelen. Daarom meten we de liquiditeit van alle obligaties in ons beleggingsuniversum in realtime. We meten zowel de ‘aanhoudende liquiditeit’, die het gevolg is van regelmatige handelsstromen in twee richtingen, als de ‘vluchtige liquiditeit’, die het gevolg is van de positionering van dealers op de korte termijn.

“Op deze manier kunnen wij de orders eruit pikken die zeer waarschijnlijk ook uitgevoerd zullen worden”, zegt Houweling. “Dit leidt tot een optimale factorexposure, terwijl we de transactiekosten laag houden. Een naïeve liquiditeitsbenadering zou hogere transactiekosten met zich meebrengen en de uitvoering van de orders zou langer duren. Bovendien zou de factorscore van de geselecteerde obligaties lager liggen.”

1 Bron: Robeco Performance Measurement. Het rendement is gemeten in euro’s, op basis van de IH-fondsklasse en vóór aftrek van vergoedingen. In de praktijk worden er kosten (zoals beheervergoedingen en andere kosten) in rekening gebracht. Deze hebben een negatief effect op de getoonde rendementen. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten geven geen garantie voor de toekomst.