netherlandsnl
Engagement van beleggers met Enel: een succesverhaal

Engagement van beleggers met Enel: een succesverhaal

04-04-2022 | Visie

De wereld moet minder afhankelijk worden van fossiele brandstoffen en daarbij is een grote rol weggelegd voor nutsbedrijven. Als leveranciers van elektriciteit hebben ze tientallen jaren kolen, gas en olie verbrand om te voldoen aan de groeiende vraag vanuit de samenleving. Maar ze kunnen ook een onderdeel van de oplossing worden, zoals Enel heeft laten zien.

  • Carola van Lamoen
    Carola
    van Lamoen
    Head of Sustainable Investing
  • Cristina Cedillo Torres
    Cristina
    Cedillo Torres
    Engagement Specialist

In het kort

  • Engagement leidt tot een versnelling van Enels decarbonisatieplannen
  • Eerste nutsbedrijf dat toezegt in 2040 geen energie meer op te wekken met gas
  • Enel pakt Scope 3-uitstoot aan en wil daarom stoppen met de verkoop van aardgas

Robeco is al meer dan zes jaar in dialoog met de in Italië gevestigde energieproducent, de grootste van Europa, om het bedrijf ertoe aan te zetten sneller af te stappen van fossiele brandstoffen. Deze dialoog heeft opzienbarende resultaten opgeleverd, zoals de toezegging om steenkool uit te faseren en de Scope 3-uitstoot terug te dringen. Bovendien heeft Enel een expert op het gebied van windenergie aangesteld in het bestuur.

En nu is het nutsbedrijf van plan om als een van de eerste ter wereld alleen nog maar energie op te wekken met hernieuwbare bronnen. Dat zou betekenen dat niet alleen de netto directe uitstoot wordt teruggebracht naar nul, maar ook de absolute uitstoot. Daarnaast richt het bedrijf zich voor alle scopes op een duidelijk netto-nuldoel voor 2040.

Hoe is dit allemaal tot stand gekomen? Veel nutsbedrijven zijn zeer terughoudend om veranderingen door te voeren, waarbij ze wijzen op het belang van een zekere stroomvoorziening en op de onbetrouwbaarheid van hernieuwbare bronnen – geen zon of wind betekent geen stroom. Carola van Lamoen, hoofd Sustainable Investing en in 2005 de oprichter van Robeco’s engagementteam, vertelt het verhaal.

Terug naar 2015 – de transitietrend

“In 2015 hebben we ons vizier gericht op nutsbedrijven. We zagen namelijk dat de transitie naar een CO2-arme toekomst op gang kwam en dat de sector nutsbedrijven hier op korte termijn het meest door geraakt zou worden”, zegt ze.

“Op dat moment richtten we ons op Europese nutsbedrijven om te zien hoe we deze bedrijven konden helpen bij het afstappen van steenkool. Enel was een logische kandidaat voor engagement, want het was het grootste nutsbedrijf in Europa, met op dat moment een grote exposure naar steenkool.”

Het Active Ownership-team startte een onderzoek om te bepalen waar Enel precies stond met zijn decarbonisatieplannen. Over het algemeen begint een engagement niet helemaal bij nul, want meestal heeft een bedrijf al wel een soort beleid opgesteld om duurzamer te worden. Feedback van beleggers kan dan helpen om de nadruk te leggen op de grootste punten van zorg.

Voortbouwen op de basis

Enel had al gezien uit welke hoek de wind blies – vrij letterlijk in dit geval – en begon steenkool te vervangen door windenergie en andere schone vormen van energie. In 2015 waren kolencentrales goed voor zo'n 20% van de totale capaciteit van Enel. Dit percentage is ruimschoots gehalveerd tot minder dan 8% in december 2021 en mede dankzij onze engagement heeft het bedrijf toegezegd vanaf 2027 helemaal geen steenkool meer te gebruiken.

“Enel was denk ik een van de eerste bedrijven die zich bewust was van de reusachtige verschuiving die aan de gang was in de sector”, zegt Van Lamoen. “De basis was al min of meer gelegd. In 2015 had Enel al toegezegd te streven naar een netto-uitstoot van nul en een wetenschappelijk onderbouwde doelstelling opgesteld voor het terugdringen van de uitstoot in 2020.”

“Daarnaast zou het bedrijf geen nieuwe kolencentrales meer ontwikkelen en was het al begonnen met het sluiten van enkele bestaande kolencentrales. Ze hadden nog niet alles helemaal op een rijtje, maar ze wisten al wel welke kant ze op moesten. Dat hielp natuurlijk enorm.”

“Wat ik miste was een openbaar gemaakte klimaatstrategie om het streven naar een netto-uitstoot van nul te kunnen waarmaken. Onze rol bestond voor een groot deel uit: aangeven waar onze prioriteiten liggen als beleggers, duidelijk maken wat we verwachten van het bedrijf, en altijd proberen te helpen bij het zetten van de volgende stap.”

Enel in het kort. De afbeeldingen wijzen op in aanmerking komende activiteiten volgens aanbevelingen van de Technical Expert Group (TEG) van de EU. Bron: Enel, Robeco.

Vergroening in 2016 – groene energie wordt mainstream

De eerste resultaten lieten niet lang op zich wachten, want Enel liet al snel zien hernieuwbare energie heel serieus te nemen. In hun ogen is echt duurzaam beleggen alleen mogelijk als het komt van de absolute top, en bij Enel staat precies de juiste man aan het roer.

Francesco Starace was Chief Executive Officer van Enel Green Power van 2008 tot 2014 en bracht het bedrijf in 2010 naar de aandelenbeurs van Milaan en Madrid via een succesvolle beursgang die EUR 8 miljard opleverde. Hij werd in 2014 CEO van de hele groep en gaf hernieuwbare energie een centrale plek in de strategie van het bedrijf. In 2016 haalde het bedrijf Enel Green Power van de beurs om het te integreren in de totale groep.

“De CEO van de divisie hernieuwbare energie werd dus aangesteld als CEO van de gehele groep, en dat zette echt de toon”, zegt Van Lamoen. “Hij speelde een zeer belangrijke rol in de transitie en doet dat nu nog steeds.”

“Als er al een topbestuurder zit met zo'n overtuiging, helpt dat onze engagement natuurlijk enorm. Het bedrijf staat er dan namelijk voor open om deze onderwerpen te bespreken.”

Steenkool uitfaseren

De stevige toezegging voor hernieuwbare energie was er dus en daarom verschoof de aandacht weer naar Enels afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. Een groot deel van de capaciteit is afkomstig van oude thermische centrales, zoals gasturbines met gecombineerde cyclus en olie- en gascentrales, naast enkele resterende kolencentrales.

“In de eerste jaren van de engagement was onze belangrijkste taak het opstellen van een plan voor het bedrijf om steenkool uit te faseren”, zegt Van Lamoen. “We waren kritisch over enkele investeringen die het bedrijf deed, omdat het nog steeds geld stak in het verbeteren van centrales op basis van fossiele brandstoffen waarvoor een kortere levensduur dreigde.”

“Het probleem waar ze tegenaan liepen, was dat ze niet zomaar energiecentrales konden sluiten. Daar moest de toezichthouder namelijk goedkeuring voor geven om de energievoorziening te garanderen. Aanvankelijk was het bedrijf wat huiverig om iets te communiceren voordat de autoriteiten meer duidelijkheid hadden gegeven over wat ze wel en niet konden doen.”

“Ze begonnen met het uitfaseren van de minder efficiënte kolencentrales en werden verzocht sommige van de andere centrales om te zetten naar aardgas om de energievoorziening op peil te houden. In de jaren daarna deed het bedrijf de toezegging om kolencentrales uit te faseren voor 2030, om daar later 2027 van te maken – allemaal met goedkeuring van de toezichthouders.”

De geïnstalleerde capaciteit en energieproductie van Enel op 31 december 2021: ongeveer 40% van de geconsolideerde productie is nog steeds afkomstig van fossiele brandstoffen, aangevoerd door gasturbines met gecombineerde cyclus. Bron: Enel.

Van informeel naar formeel

Nadat we de eerste jaren vooral bezig waren geweest met het vaststellen van de basis, ging het lid van het Active Ownership-team dat zich richtte op nutsbedrijven weg bij Robeco. Daar moest dus vervanging voor komen. Het team koos voor Cristina Cedillo Torres, die drie jaar eerder, in 2014, in dienst was gekomen bij Robeco. Zij was gespecialiseerd in transitietrajecten en op zoek naar een uitdaging.

Ze legt uit dat een engagement over het algemeen informeel begint met gesprekken met vertegenwoordigers van de afdelingen Sustainability en Investor Relations, die dus al gaande waren. Daarna wordt geleidelijk overgestapt op formelere gesprekken met het hoogste management om bindende afspraken te maken. Dit leverde een accentverschuiving op die zijn vruchten zou afwerpen in de vier jaar daarna.

“Aan het begin van de engagement waren we vooral in gesprek met leden van Enels Investor Relations-team om inzicht te krijgen in hun standpunten en om duidelijk te maken wat wij wilden doen als aandeelhouders”, zegt Cedillo Torres.

“Toen we eenmaal een relatie hadden opgebouwd en het bedrijf beter leerden kennen, begonnen we brieven te sturen met formele verzoeken. De communicatielijnen met de afdeling Investor Relations waren – en zijn nog steeds – heel open. De mensen daar hebben ons dan ook heel goed geholpen om in contact te komen met het hoogste management.”

“Ik heb de voorbije jaren ook veel informele gesprekken gevoerd met Investor Relations.”

Nationale Elektriciteitsraad van Italië

Enel is de belangrijkste energiemaatschappij van Italië, de grootste in Europa gemeten naar marktkapitalisatie, en de op een na grootste ter wereld gemeten naar omzet, na het staatsenergiebedrijf van China. Het is een acroniem voor Ente Nazionale per l'Energia Elettrica (Nationale Elektriciteitsraad). Het bedrijf werd in 1999 naar de Italiaanse aandelenbeurs gebracht.

In 2020, het laatste volledige jaar waarvoor de cijfers beschikbaar zijn, realiseerde het bedrijf netto-inkomsten uit gewone activiteiten van EUR 5,2 miljard op een omzet van EUR 65,0 miljard. De wereldwijde geconsolideerde capaciteit in 2020 was 84.000 megawatt, waarvan 26.400 megawatt in thuismarkt Italië.

Het grootste deel van deze energie is opgewekt door waterkrachtcentrales (een capaciteit van 27.800 megawatt). Ook windenergie is goed voor een aanzienlijk deel, terwijl het aandeel van zonne-energie en aardwarmte wat kleiner is.

Toch wordt ook nog veel elektriciteit opgewekt met fossiele brandstoffen, met 15.000 megawatt aan capaciteit die afkomstig is van gasturbines met gecombineerde cyclus, steenkool, olie en gas. Steenkool is nog altijd goed voor zo'n 6% van de energieopwekking van Enel.

Nieuwe samenwerking in 2018 – Climate Action 100+ gelanceerd

In 2018 begon een nieuw hoofdstuk, met de lancering van de Climate Action 100+, een samenwerking tussen beleggers voor engagement met de grootste uitstoters ter wereld. Het is vast geen verrassing dat de meeste bedrijven met een grote uitstoot actief zijn in de energiesector, waaronder nutsbedrijven.

“Na de lancering van het Climate Action 100+-initiatief werd ons gevraagd om de engagement te leiden, omdat we al in dialoog waren met Enel en andere nutsbedrijven. En zo werden we de hoofdbelegger in de gezamenlijke engagement met deze bedrijven”, zegt Van Lamoen.

“Enel stond altijd heel erg open voor een dialoog en de steun van al deze beleggers heeft onze engagement verder versterkt. Door op te treden als een coalitie van beleggers konden we onze boodschap nog meer kracht bijzetten en vonden we ook gehoor op bestuursniveau.”

“Engagements aangaan in het kader van het initiatief betekent dat alle ondertekenaars een reeks gezamenlijke doelstellingen nastreven voor alle bedrijven. Het doorgeven van een reeks concrete verwachtingen aan alle bedrijven speelt een belangrijke rol in het succes van het initiatief.”

November 2019 – een persoonlijke ontmoeting

Maar na bijna vier jaar engagement, nu als onderdeel van groot internationaal samenwerkingsverband tussen beleggers, ontbrak nog het persoonlijke contact. Zo had nog niemand van Robeco’s Active Ownership-team daadwerkelijk iemand van Enel ontmoet. Daar kwam in 2019 verandering in met het besef dat beide partijen aanwezig zouden zijn bij dezelfde conferentie van de Principles for Responsible Investment (PRI).

“In november 2019 ontmoette ik de CFO voor het eerst in het echt”, zegt Cedillo Torres. “We troffen elkaar in Parijs, omdat we allebei aanwezig waren bij een conferentie van de PRI. Het was zo fijn om elkaar eindelijk eens face to face te ontmoeten, na al ons contact via e-mail en telefoon.”

“En onze ontmoeting miste zijn uitwerking niet, want al de volgende maand bracht de CFO een bezoek aan het kantoor van Robeco in Rotterdam om de nieuwe strategie van het bedrijf te presenteren. Een aantal collega's uit beleggingsteams kon hem toen dus ook persoonlijk ontmoeten. Maar daarna gingen we in lockdown en was het helaas niet meer mogelijk om face to face af te spreken.”

Mei 2020 – nominatie van een bestuurslid

Covid bleek echter geen obstakel om onze engagement voort te zetten, want al snel volgde een nieuwe mijlpaal: Robeco nomineerde met succes een expert in hernieuwbare energie als onafhankelijk bestuurder in het bestuur van Enel. In mei 2020 werd Samuel Leupold, voormalig CEO van de Wind Power-divisie bij Ørsted (voorheen DONG Energy), aangesteld als niet-uitvoerend bestuurder. Hij had een belangrijke rol gespeeld in de transitie van het Deense bedrijf van een speler in fossiele brandstoffen naar de grootste ontwikkelaar van offshore windmolenparken ter wereld.

“Corporate governance over klimaat was een van de gebieden die we wilden verbeteren bij Enel, net zoals we dat doen bij andere bedrijven”, zegt Cedillo Torres. “De CEO was afkomstig van de divisie hernieuwbare energie en heeft dus zonder meer veel expertise.”

“Maar als we keken naar de samenstelling van het bestuur, ontbrak het bij de onafhankelijke bestuurders in onze ogen aan expertise over het klimaat en de energietransitie. Daarom stelden we onszelf de vraag wat we konden doen om te helpen de vaardigheden in het bestuur te verbeteren.”

Mooi systeem in Italië

Dat leidde tot een fantastische gelegenheid die het Active Ownership-team snel met beide handen aangreep.

Bij beursgenoteerde Italiaanse bedrijven worden onafhankelijke bestuurders genomineerd door de aandeelhouders, waaronder de overheid als de staat nog een belang heeft. Het bedrijf ontvangt twee lijsten met genomineerden: een van de overheid en een van de minderheidsaandeelhouders. Het indieningsproces voor de lijst van de minderheidsaandeelhouders wordt gecoördineerd door Assogestioni, de vereniging van Italiaanse vermogensbeheerders.

“Italië heeft echt een mooi systeem, want minderheidsaandeelhouders zoals wij hebben daar de mogelijkheid om bestuursleden te nomineren”, zegt Cedillo Torres. “Dit was natuurlijk een mooie kans voor ons om invloed uit te oefenen en gebruik te maken van dit recht.”

“Ieder jaar gaat Assogestioni op zoek naar potentiële kandidaten voor beursgenoteerde Italiaanse bedrijven en dus heb ik ze gevraagd of we de handen ineen konden slaan om iemand met klimaatexpertise te vinden voor het bestuur van Enel. Daar reageerden ze heel enthousiast op en dus heb ik me aangesloten bij hun nominatiecommissie.”

Een teamprestatie

De expert op het gebied van corporate governance in het Active Ownership-team, Michiel van Esch, werd erbij gehaald om te helpen met het nominatieproces. “Michiel heeft veel ervaring met het nomineren van bestuursleden, dus hij kon ons goed adviseren over hoe we het nominatieproces moesten aanpakken. Hij heeft Cristina heel goed op weg geholpen”, zegt Van Lamoen.

“Onze samenwerking met Assogestioni maakte ook de nominatie mogelijk. Zij faciliteerden namelijk het hele proces, zetten hun netwerk van beleggers in om het aantal aandelen te verzamelen dat nodig was om de nominatielijst in te dienen, en gaven ook nog juridisch advies.”

“Het vinden van de juiste persoon was de grootste uitdaging, want de kandidaat moest Italiaans spreken, wat de beschikbare pool gelijk veel kleiner maakte. Gelukkig kwamen we erachter dat de voormalige bestuurder van een windenergiebedrijf Italiaans sprak, ook al is hij geen Italiaan – Leupold komt uit Zwitserland. Dit was in mijn ogen een van onze mooiste resultaten.”

September 2020 – de Net Zero Benchmark

Een andere grote stap was het gebruik van de Net Zero Benchmark van de Climate Action 100+, die op basis van tien indicatoren bepaalt in hoeverre bedrijven klaar zijn voor de transitie. De benchmark maakt duidelijk welke aspecten volgens beleggers moeten worden opgenomen in de klimaatstrategie van een bedrijf en biedt concrete doelen waar bedrijven naartoe kunnen werken.

“Deze benchmark was een flinke steun in de rug voor onze engagement”, zegt Cedillo Torres. “We ontvingen zeer positieve feedback van Enel over het gebruik ervan, en ze zijn er ook gelijk mee aan de slag gegaan.”

“Met het gebruik van de Net Zero Benchmark kreeg onze engagement ook een formeler karakter. De benchmark maakte het mogelijk om ons met een reeks concrete verzoeken te wenden tot het bestuur en het hoogste management. Dit gebeurde vooral in schriftelijke vorm, wat beleggers het vertrouwen geeft dat het bedrijf er serieus mee aan de slag gaat.”

November 2021 – meer scope

Een ander mooi resultaat kwam voort uit de constatering dat Enel heel goed was in het beperken van de uitstoot in Scope 1 en 2, maar minder in Scope 3. Scope 1-uitstoot is afkomstig van het bedrijf zelf, terwijl Scope 2-uitstoot wordt gegenereerd bij het opwekken van de elektriciteit. Scope 3-uitstoot komt van de eindgebruikers van het product – in het geval van Enel de verkoop van gas aan klanten voor verwarming – en is veel moeilijker terug te dringen.

Onze engagement over dit onderwerp zette een reeks gebeurtenissen in gang, die uiteindelijk leidde tot een historische belofte in november 2021. “Een van de hiaten in de rapportage over het afstemmen op de Net Zero Benchmark had betrekking op het doel voor Scope 3-emissies. Ik herinner me nog dat ik dit aankaartte tijdens een persoonlijke ontmoeting in 2019”, zegt Cedillo Torres.

Ze hadden wel een netto-nuldoel voor 2050, maar dat gold expliciet alleen voor Scope 1. Voor een nutsbedrijf als Enel is Scope 3 echter ook heel belangrijk.”

Gas uitfaseren

“Deze uitstoot wordt veroorzaakt door de verkoop van gas aan klanten voor verwarming en koken. En dan hebben we het over een forse uitstoot, want waarschijnlijk gaat het om zo'n 20% van de totale voetafdruk. Enel had alleen een doel voor de middellange termijn (2030) opgesteld, maar nog geen strategie openbaar gemaakt voor een netto-uitstoot van nul in 2050. Ook had het nog geen duidelijke toezegging gedaan om dat te bereiken.”

“Daarom hebben we het management en het bestuur gevraagd om ook een Scope 3-doelstelling te overwegen en uit te leggen hoe ze de Scope 3-uitstoot willen aanpakken als ze echt CO2-neutraal willen worden. Dat lukt namelijk niet als ze niks doen aan de Scope 3-uitstoot.”

“In 2021 werd dat een van de belangrijkste aandachtspunten voor het bedrijf. En ze luisterden, want in november 2021 kwam het bedrijf voor het eerst met een netto-nuldoel voor de periode van 2040 tot 2050, voor alle scopes. Daarnaast stelde het doelstellingen op voor de middellange termijn, afgestemd op een maximale stijging van 1,5 °C, voor zowel Scope 1 als de meeste uitstoot in Scope 3 door de verkoop van gas en energie. Daarnaast bevestigden ze hun toezegging om in 2027 wereldwijd steenkoolvrij te zijn, terwijl ze ook beloofden om in Italië al in 2025 geen steenkool meer te gebruiken.”

Een wereldwijde voorloper

Het komt erop neer dat Enel nu de meest ambitieuze doelen heeft opgesteld van allemaal, iets wat we in 2015 niet voor mogelijk hadden gehouden. En misschien is dat wel de grootste verdienste na zes jaar hard werken.

“Een belangrijk aspect in de strategie voor 2040 is dat alleen nog maar elektriciteit wordt opgewekt met hernieuwbare energiebronnen. Ze willen volledig afhankelijk worden van hernieuwbare energie en accu's en zo Scope 1 volledig decarboniseren”, zegt Cedillo Torres.

“Hiermee zet het bedrijf niet zozeer in op een netto-uitstoot van nul, maar zelfs op een absolute uitstoot van nul bij het opwekken van energie. Om dat te realiseren is Enel van plan om de capaciteit van hernieuwbare energiebronnen voor 2030 uit te breiden naar 154 gigawatt.”

“Dat is de meest ambitieuze doelstelling die we hebben gezien tot nu toe. Lukt het inderdaad om die enorme capaciteit te bereiken, dan versterkt Enel zijn positie als wereldwijd marktleider op het gebied van hernieuwbare energie.”

Een erfenis nalaten

Het bedrijf heeft een flinke erfenis nagelaten. “Het grotere plan van Enel om in 2040 CO2-neutraal te zijn door te stoppen met de verkoop van gas aan klanten en de energieproductie te elektrificeren, is misschien wel de grootste overwinning van allemaal”, zegt Van Lamoen. “Enel is het eerste nutsbedrijf dat met deze toezegging komt, dus we kunnen echt wel spreken van een heel belangrijke ontwikkeling.”

“Het was een geweldige reis met Enel de afgelopen zes jaar, die bewijst dat engagement echt werkt. We zijn heel erg blij met wat we hebben bereikt, en hoe ver Enel is gekomen.”