nederlandnl
China’s groeiverschuiving: van kwantiteit naar kwaliteit

China’s groeiverschuiving: van kwantiteit naar kwaliteit

29-05-2018 | Visie

Hoe je het ook wendt of keert, de groei in China vertraagt. Dat geldt vooral voor de groei van de investeringen in vaste activa, zoals ook blijkt uit de binnenlandse cijfers. Het beperken van risico, zorgen voor financiële stabiliteit en het beheersen van de schuldenlast zijn nu topprioriteit voor de leiders van China en daarom hebben ze hun focus verschoven van ‘groei tegen elke prijs’ naar ‘kwalitatieve groei’. Maar hoe succesvol zijn ze daarin??

  • Tiansi Wang
    Tiansi
    Wang
    Senior Credit Analyst
  • Reinout Schapers
    Reinout
    Schapers
    Director Emerging & Global Credit

In het kort

  • Beheersen schuldenlast en toezicht op schaduwbanken zijn belangrijke factoren 
  • Consumptie vervangt investeringen als binnenlandse groeimotor voor de economie 
  • Balanceren tussen wegwerken overmatige schulden en vasthouden stabiele, lagere groei

In onze tweede Credit Quarterly Outlook van dit jaar noemen we China een van de drie motoren voor wereldwijde groei. Maar het bbp-cijfer van China is sinds de wereldwijde financiële crisis sterk afhankelijk van met schulden gefinancierde investeringen. Zo lag de kredietgroei de afgelopen twee jaar hoger dan de nominale bbp-groei, zeker als je rekening houdt met schaduwleningen. Dit hoge en nog steeds oplopende schuldniveau is al geruime tijd een van de grootste zorgen onder beleggers. Als een wereldwijde groeimotor van deze omvang ontspoort, heeft dat natuurlijk grote gevolgen voor de wereldeconomie en de obligatiemarkten. Maar China komt met de nodige maatregelen. Onze in Hongkong gevestigde senior creditanalist Tiansi Wang heeft zich verdiept in de manier waarop de op één na grootste economie van de wereld een aantal economische uitdagingen probeert aan te pakken.

Ontdek de nieuwste inzichten op het gebied van credits
Ontdek de nieuwste inzichten op het gebied van credits
Aanmelden

Verschuiving van investeringen naar consumptie en diensten in volle gang

De afgelopen vijf jaar is het aandeel van met schuld gefinancierde investeringen in de groei geleidelijk gedaald. Daarnaast vertraagt de jaarlijkse groei van investeringen in de productiesector al sinds 2012 – van 31,8% in 2011 naar 4,1% in oktober 2017. Op korte termijn houdt deze lage, eencijferige groei waarschijnlijk aan dankzij investeringen in productieverbeteringen en technologische innovatie. Denk hierbij aan kunstmatige intelligentie, hoogwaardige werktuigmachines, elektrische voertuigen en biomedische industrieën.

De investeringen in de infrastructuur nemen nog wel in rap tempo toe, maar ook hier verwachten we in 2018 een vertraging. De totale groei van investeringen in vaste activa neemt dit jaar waarschijnlijk af van 7,2% in 2017 naar ongeveer 6%, omdat de schuldafbouw en de verkrappende maatregelen van de regering hun werk beginnen te doen. Daarnaast heeft de centrale regering een aantal geplande projecten stopgezet om een signaal af te geven aan lokale overheden dat ze het schuldniveau en de investeringen willen beperken.

‘Diensten en consumptie zijn nu goed voor ongeveer 70% van de bbp-groei’

In de meeste gebieden dalen de investeringen dus, maar voor diensten en consumptie zien we juist een opwaartse trend. Ze nemen inmiddels zo’n 70% van de bbp-groei voor hun rekening. De bereidheid en het vermogen van de jongere, welvarendere generatie om te consumeren hebben geleid tot een structurele stijging van de uitgaven aan de producten die ze kopen, zoals informatiediensten, slimme huishoudelijke apparaten, culturele diensten, toerisme, gezondheidszorg en onderwijs. De stabiele werkgelegenheid, sterke arbeidsmarkt en veerkrachtige loongroei blijven het besteedbare inkomen stimuleren en zijn belangrijke factoren voor de bbp-groei in 2018.

Afbouwen risico, beheersen schuldenlast en stabiliseren vastgoedsector

De regering streeft ernaar de staatsschuldquote geleidelijk te verlagen zonder de groei al te veel te vertragen om zo de schuldenlast in de economie effectief te beheersen en het risico af te bouwen. De belangrijkste focus is het beperken van het risico voor het financiële systeem, en dan vooral het risico van schaduwbanken – vermoedelijk het lastigste stukje van de Chinese schuldenpuzzel. Banken zijn een belangrijke financieringsbron voor schaduwbanken via niet-bancaire financiële instellingen (NBFI). Deze vorm van financiering – vaak via risicovollere constructies – nam explosief toe van CNY 7 biljoen (USD 1,1 biljoen) eind 2013 naar CNY 24 biljoen (USD 3,77 biljoen) halverwege 2016, voornamelijk via de interbancaire markt. Vanaf eind 2016 hebben strengere regels geleid tot een afname van schaduwfinancieringen door banken, waardoor de groei van de vorderingen op NBFI’s vertraagde van 80% jaar-op-jaar aan het begin van 2016 naar 11% aan het eind van 2017.  

De vastgoedsector is van levensbelang voor de Chinese economie, want vastgoedgerelateerde industrieën namen in 2016 zo’n 25% van het bbp van China voor hun rekening. Wat betreft de urbanisatie is de woonruimte per hoofd van de bevolking in China gestegen van 2m2 in de jaren ’90 naar 41m2 nu (vergelijkbaar met Nederland), maar er is wel een vertraging zichtbaar. Daarnaast neemt de impact van de schuldenlast op de vastgoedmarkt ook af door het huidige krappere beleid. De wederopbouw van sloppenwijken blijft een belangrijke groeifactor. Dit wordt ondersteund door de inspanningen van lokale overheden om deze gebieden met goedkope huisvesting en slechte infrastructuur aan te pakken en om te zorgen voor betaalbare huizen en de grote overcapaciteit aan onroerend goed in kleinere steden te beperken. We verwachten dat de groei van de huizenverkoop in China blijft vertragen en in de eerste helft van 2019 een bodem bereikt. Daarnaast verwachten we ook een vertraging van de investeringen in de vastgoedsector naar 3% in 2018, tegenover een sterke 7% in 2017.

Creditposities gericht op de nieuwe economie

Het bbp-cijfer bleef verrassend sterk in 2017, met een reële groei van 6,8%. Dit is deels te danken aan de structurele verschuiving richting een meer consumptiegedreven groei, maar ook de florerende wereldeconomie heeft haar steentje bijgedragen. De groei van schaduwleningen is sterk afgenomen en dankzij de sterke bbp-cijfers is ook de staatsschuldquote gedaald. De leiders van het land zullen zich de komende vijf jaar richten op de bestrijding van financieel risico, vervuiling en armoede. En hoewel de doelstelling voor de reële bbp-groei voor 2018 op 6,5% ligt, wordt dit percentage niet langer meegewogen bij de beoordeling van lokale overheden. Dit kan een doorslaggevende factor zijn om het gedrag van onderaf te veranderen.  

Deze paradigmaverschuiving in China levert ook veel kansen op voor beleggers. In de creditportefeuilles van Robeco is de exposure naar China gericht op de nieuwe economie. Zo hebben we bijvoorbeeld belangen in het segment gasdistributie om te profiteren van de overstap naar schonere energiebronnen. Daarnaast vermijden we industrieën van de oude economie, zoals mijnbouw en staal. Ook beleggen we in de obligaties van bedrijven die zullen profiteren van de verschuiving naar een door consumenten gedreven economie.

Het is nog de vraag of China erin slaagt de overmatige schuldenlast uit het verleden volledig weg te werken en de negatieve impact van de hoge staatsschuldquote aan te pakken zonder de groei op de lange termijn ernstig te schaden. In een markteconomie is het lastig om de huidige strategie succesvol te implementeren, maar met hun eigen ‘Chinese economische model’ zou het maar zo kunnen lukken. De eerste tekenen zijn in ieder geval vrij positief.