belgiumnl
SI Opener: Hoe Covid-19 de ongelijkheid vergroot

SI Opener: Hoe Covid-19 de ongelijkheid vergroot

23-09-2021 | SI Opener
De Covid-19-pandemie heeft de wereldwijde voortgang in de strijd tegen armoede deels tenietgedaan. De impact van de pandemie is dan ook groot in veel facetten van ongelijkheid. Uit observaties op de arbeidsmarkt blijkt dat laagopgeleiden, jongeren en vrouwen veel harder zijn geraakt dan hoogopgeleiden.
  • Masja Zandbergen - Albers
    Masja
    Zandbergen - Albers
    Head of sustainability Integration
  • Max Schieler
    Max
    Schieler
    Senior Country Risk Specialist at RobecoSAM

In het kort

  • Wijdverbreide stijging van verschillen in inkomen en rijkdom binnen landen
  • Toenemende ongelijkheid kan politieke instabiliteit verergeren en leiden tot lagere groei
  • Grotere inkomensongelijkheid heeft ook gevolgen voor beleggers
Met het oog op deze asymmetrische impact op de werkgelegenheid, inkomens en rijkdom verwachten wij dat de ongelijkheid tijdens deze pandemie verder is toegenomen. Dat vergroot de zorgen op sociaal-economisch en politiek vlak die ook al vóór 2020 bestonden. Bij Robeco zijn we ons er zeer bewust van dat deze ongelijke verdeling van rijkdom ernstige maatschappelijke en economische gevolgen heeft. Daarom heeft inkomensongelijkheid altijd een belangrijke plaats ingenomen in onze Country Sustainability Ranking en ons engagementprogramma.

De kloof tussen arm en rijk is de voorbije 30 jaar niet zo groot geweest

De pandemie heeft bestaande ongelijkheden blootgelegd en verergerd, niet alleen in verschillende delen van de samenleving, maar ook tussen sectoren en regio's. Hoewel de officiële cijfers over inkomensongelijkheid met vertraging worden gepubliceerd, blijkt uit observaties op de arbeidsmarkt dat de impact van Covid-19 nogal ongelijk is verdeeld over verschillende groepen arbeiders. Zo zijn laagopgeleiden, jongeren en vrouwen veel harder geraakt dan hoogopgeleiden. Met het oog op deze asymmetrische impact op de werkgelegenheid en inkomens zou je verwachten dat de ongelijkheid verder gaat toenemen.

Deze ontwikkeling was ook vóór Covid-19 al enige tijd zichtbaar in de ontwikkelde en grotere opkomende economieën. In de meeste OESO-landen is de kloof tussen arm en rijk de voorbije 30 jaar niet zo groot geweest. De rijkste 10% van de bevolking verdient 8,6 keer zoveel als de armste 10%, tegenover een ratio van 7:1 in de jaren 80 van de vorige eeuw.1 De negatieve impact van de pandemie draait ook – in ieder geval tijdelijk – een positieve trend in veel opkomende markten en ontwikkelingslanden met lage inkomens terug die we de afgelopen drie decennia zagen. De inkomensongelijkheid in die landen was gestaag aan het afnemen, al was het wel vanaf een hoog niveau.2

Klimaatbeleggen: van noodzaak tot oplossingen
Klimaatbeleggen: van noodzaak tot oplossingen
Lees meer

Verschillen in rijkdom zijn nog extremer

Volgens sommige cijfers heeft de Covid-19-pandemie een wijdverbreide toename van de vermogensverschillen veroorzaakt, zowel binnen als tussen landen. Bovendien zijn deze verschillen nog extremer dan voor inkomens. Volgens het Global Wealth Report 2021 van Credit Suisse is het vermogensaandeel van de bovenste 10% vorig jaar met 0,9 procentpunt toegenomen en het aandeel van de bovenste 1% zelfs met 1,1 procentpunt.3 De ongelijkheid is vorig jaar fors meer toegenomen dan in alle andere jaren deze eeuw, met uitzondering van 2014. Het aantal personen met een vermogen van meer dan USD 50 miljoen – ultra-high-net-worth-individuals – steeg met 24%, terwijl het aantal dollarmiljonairs met 5,2 miljoen opliep naar 56,1 miljoen, wat neerkomt op ongeveer 1% van de volwassen wereldbevolking. Hetzelfde rapport schat dat de rijkste 10% van de volwassenen 82% van de wereldwijde rijkdom in bezit had, waarbij de rijkste 1% alleen al op bijna de helft zit (45%).

Op regionaal niveau zagen we de welvaartskloof groter worden in 2020. Europa en Noord-Amerika waren vorig jaar goed voor het overgrote deel van vermogenswinst, terwijl India en Latijns-Amerika tot de verliezers behoorden.

Toenemende ongelijkheid heeft ernstige maatschappelijke en economische gevolgen

Het debat over de impact van ongelijkheid op de economische groei, de politiek en de samenleving is de afgelopen jaren steeds heviger geworden. Het klopt dat ongelijkheid een inherent onderdeel is van een marktgebaseerd economisch systeem, als gevolg van verschillen in inspanning, individuele voorkeuren, geluk, kansen of talent. En een toename van de ongelijkheid kan een katalysator voor groei zijn, doordat die aanzet tot investeren in het eigen menselijk kapitaal, tot sparen en beleggingen, en tot het nemen van risico's. Aan de andere kant is men het er steeds meer over eens dat buitensporige ongelijkheid, waar niks aan wordt gedaan, een bedreiging vormt voor de economie, onze sociale structuur en de politieke stabiliteit.

Men is het er steeds meer over eens dat buitensporige ongelijkheid, waar niks aan wordt gedaan, een bedreiging vormt voor de economie, onze sociale structuur en de politieke stabiliteit

De Gini-coëfficiënt wordt vaak gebruikt als een maatstaf voor economische ongelijkheid: een lage coëfficiënt betekent weinig inkomensongelijkheid. Volgens een analyse van de OESO leidt een afname van 1 Gini-punt in ongelijkheid tot een toename van 0,8 procentpunt aan cumulatieve groei in de komende vijf jaar.4 Uit een recenter onderzoek van de Wereldbank blijkt ook dat een daling van 1% per jaar in de Gini-index van ieder land een grotere impact heeft op de wereldwijde armoede dan wanneer ieder land een jaarlijkse groei zou kennen die 1 procentpunt hoger uitvalt dan verwacht.5

Daarnaast heeft economische ongelijkheid ook een negatief effect op de politieke stabiliteit. Dat kan leiden tot maatschappelijke onrust, ondermijning van democratische instanties, het voeden van populisme, en meer protectionisme – in veel landen zagen we dit de afgelopen jaren inderdaad gebeuren.

Beleggers zien de risico's van ongelijkheid

De bovenstaande discussie impliceert dat extreme en toenemende ongelijkheid uiteindelijk ook schadelijk is voor de financiële markten en beleggingen. Een studie van PRI wijst op een mogelijk negatieve impact op beleggingsresultaten op de lange termijn, veranderingen in de risico's en kansen binnen het beleggingsuniversum en instabiliteit van het financiële systeem.6

Zo is er op de staatsobligatiemarkt doorgaans een correlatie tussen landen met meer ongelijkheid, minder politieke stabiliteit en een hogere risicopremie. Met het oog op deze potentieel negatieve gevolgen voor de financiële performance van hun beleggingen doen beleggers er verstandig aan om overwegingen op het gebied van inkomensongelijkheid mee te nemen in hun besluitvorming.

Inkomensongelijkheid was altijd al een belangrijke ESG-factor in ons zelfontwikkelde Country Sustainability Ranking-model. Dit model integreert ESG-kenmerken die hoogstwaarschijnlijk een materiële impact hebben op de performance op lange termijn van staatsobligaties. En in onze aandelenstrategieën voor opkomende markten gebruiken we de ranking ook als een van de factoren om de risicopremie van landen te bepalen.

Daarnaast is het tegengaan van ongelijkheid essentieel om de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (Sustainable Development Goals; SDG's) te realiseren, waarbij SDG 10 is gericht op het beperken van de ongelijkheid binnen en tussen landen. Daarom moet duurzaam beleggen ook in dit opzicht gericht zijn op zowel duurzaamheid als financiële performance, zodat de belangen van beleggers in lijn komen te liggen met de maatschappelijke prioriteiten voor de lange termijn.

Engagement over arbeidsrechten in een wereld na Covid-19

Robeco gaat al vele jaren de dialoog aan met ondernemingen over arbeidsrechten en eerlijk loon. Tijdens de pandemie hebben we ons engagementprogramma over dit belangrijke onderwerp uitgebreid. We zijn in gesprek gegaan met acht ondernemingen in de retail, horeca en de bredere gig-economie in Europa, Noord-Amerika en Azië.7 De gig-economie verwijst naar het deel van de arbeidsmarkt waar medewerkers geen contract hebben met een vaste looptijd en bepaalde rechten, zoals vakantiegeld of gezondheidszorg, en is tijdens de pandemie sterk gegroeid. Onze prioriteit is het stimuleren van waardig werk en fundamentele rechten voor medewerkers, zoals sociaal overleg, loon en uitkeringen, en gezonde en veilige arbeidsomstandigheden. Daarnaast richten we ons ook op strategieën voor het beheer van menselijk kapitaal, waaronder diversiteit en inclusie, ontwikkeling van menselijk kapitaal en betrokkenheid van medewerkers. Dit alles met het oog op het terugdringen van ongelijkheid in verschillende facetten van de samenleving en de economie.

1 OECD, Income Distribution Database, July 2021 & “Focus on Inequality & Growth”, december 2014
2 IMF, Fiscal Monitor, april 2021
3 Credit Suisse Research Institute, June 2021. “Global Wealth Report 2021”
4 Cingano, F., 2014. “Trends in Income Inequality and its Impact on Economic Growth”, OECD Social, Employment and Migration WP, No. 163
5 Lakner, C. et al., June 2020. “How Much Does Reducing Inequality Matter for Global Poverty? World Bank Global Poverty Monitoring Technical Note 13
6 PRI, 2018. “Why And How Investors Can Respond To Income Inequality”
7Engaging to improve labor practices in the post-Covid world
SI Opener
SI Opener
Zien is geloven.
Lees alle artikelen
Logo

Disclaimer

De informatie op deze website is uitsluitend bedoeld voor professionele partijen. Een professioneel belegger is: een belegger die beroepsmatig over voldoende kennis, deskundigheid en ervaring beschikt om de financiële risico’s van de zelf genomen beleggingsbeslissing(en) adequaat in te schatten.

Bezoekers van deze website dienen zich ervan bewust te zijn dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor naleving van alle in hun eigen land geldende wetten en voorschriften.

Door op Akkoord te klikken, bevestigt u dat u een professionele belegger bent. Indien u op Niet akkoord klikt, wordt u doorverwezen naar de omgeving voor particulieren.

Niet akkoord