belgiumnl
‘We moeten naar een planeconomie, maar dat gaat in tegen het gangbare idee’

‘We moeten naar een planeconomie, maar dat gaat in tegen het gangbare idee’

11-11-2019 | Interview
Chandran Nair is niet iemand die een blad voor de mond neemt als het gaat over de problemen in de wereld. Hij is wereldwijd een leidende figuur op het gebied van duurzame ontwikkeling en is de oprichter en CEO van het Global Institute For Tomorrow (GIFT), een onafhankelijke denktank die het inzicht in alle veranderingen in Azië wil verbeteren. Daarnaast heeft hij het boek Consumptionomics: Asia’s Role in Reshaping Capitalism and Saving the Planet geschreven
  • John Coppock
    John
    Coppock
    Investment writer
We spraken hem over duurzaamheidskwesties die stuiten op politieke dogma’s en waarom niet iedereen de levensstijl van de middenklasse kan hebben. Ook aan bod kwam hoe onze consumptie de oorzaak is van de problemen rond natuurlijke hulpbronnen.

Is de consumptie in Azië een groot probleem voor duurzaamheid?
“In 2050 zijn er zes miljard Aziaten en die kunnen nooit allemaal op dezelfde manier consumeren als de gemiddelde Amerikaan of Europeaan. Je hoeft geen raketgeleerde te zijn om dat te snappen. Het zou ingaan tegen alle wetten van de wetenschap, natuurkunde en thermodynamica. Dat is waar het debat in de 21e eeuw om draait: hoe zorgen we voor welvaart? En vooral ook: hoe definiëren we welvaart? Wat zijn de grenzen van onze welvaart? Erken je het wetenschappelijke bewijs, dan is mateloze consumptie geen optie.

Dat is hoe ik ertegen aankijk. In Europa en de Verenigde Staten is dit moeilijke onderwerp altijd bewust gemeden in het debat over duurzaamheid, omdat het politiek niet geaccepteerd is om over het terugschroeven van de consumptie te praten.”

Maar hebben India en China niet net zoveel recht op de levensstandaard van het Westen?
“De oplossing is om te bedenken waar mensen recht op hebben en te kijken naar het consumptieprobleem als een existentiële bedreiging, of het nou gaat om het klimaat of natuurlijke hulpbronnen. Vervolgens kijk je wat een mogelijke oplossing inhoudt. In dit geval is dat definiëren wat mensen kunnen consumeren, in plaats van te zeggen dat mensen alles maar kunnen consumeren. Daar belemmert de ideologische obsessie voor vrije markten en onbeperkte rechten in mijn ogen het logisch denken.

Het probleem wordt op dit moment beschreven door zogenaamde experts die de discussie vermijden over de mogelijke levensstandaard van Indiërs. Mijn punt is dat niet alle Indiërs kunnen hebben wat is gedefinieerd als de levensstijl van de middenklasse. De economische definities die daar wel van uitgaan, houden volstrekt geen rekening met de beperkingen voor India. We moeten naar een planeconomie, maar dat gaat – zoals je weet – in tegen het gangbare idee.”

Hoe zit het met een verschuiving naar een circulaire economie?
“Voor kleine, rijke economieën die goed worden bestuurd, is het makkelijk om het over een circulaire economie te hebben. Maar voor grote economieën is het juist heel moeilijk. Voor China is het wel mogelijk, maar voor India niet. En dat zit mensen niet lekker, omdat China zo’n sterk gereguleerd land is. De Chinese regering kan bepaalde dingen opleggen. Dat China onder deze omstandigheden groots kan inzetten, is in mijn ogen positief voor de toekomst van het land. In India, waar democratie wordt gezien als de essentiële manier waarop het land is georganiseerd, is het een puinhoop. India kan niets – het kan zelfs geen toiletten aanleggen.”

Moeten we dan maar stoppen met democratie?
“Het probleem is – en ook dit is zeer controversieel – dat we een wereldbeeld hebben waarin democratie heilig is en beschermd moet worden. Maar democratie strookt niet met het idee van individuele beperkingen of collectieve welvaart. We kunnen deze termen dus wel gebruiken, maar hoe beheer je een deeleconomie in een grote samenleving waar de basis zo laag is? Zelfs in rijkere samenlevingen zoals Hongkong, met een kapitalistische vrijemarkteconomie, zijn er mensen die veel armer zijn dan anderen.”

Is de oplossing dan om over te stappen op een planeconomie en het voorbeeld van China te volgen?
“Ik beschouw ‘democratie’ en meer van dat soort woorden als emotiewoorden. Als de intentie van een regering is om te werken voor het algemene belang en dus de kwaliteit van leven, dan heeft China daaraan voldaan en India niet. Daarom is China in mijn ogen democratischer dan India. Woorden als ‘democratie’ zijn misplaatst, omdat daar emoties en definities bij komen kijken die niet passen bij de 21e eeuw en de existentiële bedreigingen waar we mee te maken hebben.

De oplossing is volgens mij een model waarbij de collectieve welvaart belangrijker is dan individuele rechten en waarbij de beperkingen van natuurlijke hulpbronnen in wezen bepalen hoe de economie wordt vormgegeven.”

Hoe zit het met bevolkingsbeheersing, zoals we dat zagen in China?
“Dat is een interessante kwestie, want een eenkindpolitiek is alleen weggelegd voor China. In andere landen zou het niet mogelijk zijn. India heeft ermee geëxperimenteerd, maar uiteindelijk ging het mis en leidde het tot een hoop chaos. Ik ga ervan uit dat de wereldbevolking piekt tussen de 9,5 en 10 miljard mensen. Sommigen gaan zelfs uit van 11 miljard. De wereld kan wel in de levensbehoefte voorzien van 11 miljard mensen, maar niet als 3 miljard mensen 80% van de natuurlijke hulpbronnen opmaken. Dat is het probleem.

Op landniveau is het precies zo, want in India gebruikt 10% van de bevolking 80% van de hulpbronnen. Een kleine minderheid is dus verantwoordelijk voor een extreem groot gedeelte van de consumptie. Dat kan natuurlijk niet.”

Kan een correcte prijsstelling voor natuurlijke hulpbronnen een onderdeel van de oplossing zijn?
“Een prijsstelling voor hulpbronnen is in feite een prijsstelling voor consumptie. Mijn fundamentele standpunt is dat je een prijs moet hangen aan consumptie. Hang je een prijs aan palmolie, dan hang je ook een prijs aan het regenwoud. En dat heeft impact op de CO2-uitstoot. We moeten ook de prijs van water vaststellen, want die is nu veel te laag. Zo is water in India op de meeste plekken gratis. Over de hele wereld wordt illegaal gebruikgemaakt van schoon water.

Een goede prijs is essentieel om hier een einde aan te maken. Om het gebruik van hulpbronnen te beheersen moet je er een prijs aan hangen. Dat zou het huidige economische model op de proef stellen – een model dat, zoals ik vaak zeg, ervoor zorgt dat we één ding kopen en er één gratis bij krijgen. Dat is voodoo-economie.”

Ontdek de nieuwste inzichten
Ontdek de nieuwste inzichten
Aanmelden
Logo

Disclaimer

De informatie op deze website is uitsluitend bedoeld voor professionele partijen. Een professioneel belegger is: een belegger die beroepsmatig over voldoende kennis, deskundigheid en ervaring beschikt om de financiële risico’s van de zelf genomen beleggingsbeslissing(en) adequaat in te schatten.

Bezoekers van deze website dienen zich ervan bewust te zijn dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor naleving van alle in hun eigen land geldende wetten en voorschriften.

Door op Akkoord te klikken, bevestigt u dat u een professionele belegger bent. Indien u op Niet akkoord klikt, wordt u doorverwezen naar de omgeving voor particulieren.

Niet akkoord