By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

REPLIEK: Verantwoord geld van een ander beheren

Visie | Erik Breen
Een beheerder van andermans geld kan nooit een loyaal aandeelhouder zijn. Die stelling poneerde Paul Frentrop in zijn oratie voor de leerstoel corporate governance of capital markets aan Nyenrode Business Universiteit. Zijn betoog gaat op een aantal fronten te kort door de bocht. 

Volgens Frentrop is een institutionele belegger niet geïnteresseerd in bijvoorbeeld de jaarlijkse stroom van winstuitkeringen (dividenden), maar louter gericht op het behaalde rendement op de aandelenkoers. Hij stelt dat een institutionele belegger per definitie gericht is op de korte termijn.  
  
Vruchtbare aarde 
In het huidige tijdsgewricht met grote scepsis tegen het aandeelhouderskapitalisme, valt de stelling van Frentrop in vruchtbare aarde. Maar het warme onthaal van zijn boodschap zegt nog niets over de steekhoudendheid van zijn argumenten. Zijn betoog gaat op een aantal fronten te kort door de bocht. 
Dat geldt allereerst voor de stellingname dat pensioenfondsen, verzekeraars en vermogensbeheerders geen oog zouden hebben voor het dividendbeleid van een onderneming.  
  
Oog voor dividend
De strategie van het management voor de jaarlijkse winstuitkering is van wezenlijk belang. Het dividend is een welkome bron van zekerheid, juist in deze tijd van onrust op de financiële markten. Dat is voor een institutionele partij niet wezenlijk anders dan voor een particuliere aandeelhouder. De aandacht voor dividend blijkt bovendien uit het feit dat beleggingsinstellingen speciale dividendfondsen hebben opgericht, waarmee wordt belegd in ondernemingen met een betrouwbare winstuitkering.  
  
Institutionele beleggers laten zich horen 
Ten tweede gaat het betoog van Frentrop voorbij aan het feit dat institutionele beleggers steeds vaker optreden als actieve investeerder die in dialoog treedt met het bestuur van de ondernemingen waarin belegd wordt. Een bewijs hiervoor leveren de recente aandeelhoudersvergaderingen van de grote beursgenoteerde ondernemingen. Institutionele beleggers, verenigd in Eumedion en mede aangevoerd door Robeco, laten hun stem steeds luider horen op de jaarlijkse vergaderingen van aandeelhouders. Het afgelopen halfjaar hebben institutionele partijen op 63% van alle gehouden vergaderingen gestemd, in vergelijking tot 59% vorig jaar.  
  
Kritische kanttekeningen 
Afgelopen halfjaar zijn kritische kanttekeningen geplaatst bij de (her)benoemingen van commissarissen, waaronder die van TNT en Akzo Nobel. De betrokken aandeelhouders willen dat het aantal commissariaten in lijn is met de nieuwe wetgeving die grenzen stelt aan het aantal te bekleden toezichtsfuncties van commissarissen. Verder hebben grote institutionele aandeelhouders aangedrongen op meer transparantie in de rapportage en beloning. Bij bijvoorbeeld Deutsche Bank zijn harde noten gekraakt over het beloningsbeleid en de rol van toezichthouders.  
  
Verder kijken dan financiële kengetallen 
Deze dialoog biedt meerwaarde om lange termijn aandeelhouderswaarde te creëren. Recent wetenschappelijk onderzoek van Dimson e.a. getiteld 'Activism on Corporate Social Responsibility' van november 2011 toont aan dat de combinatie van een succesvolle actieve dialoog met een belegging in een onderneming gemiddeld al snel een paar procent rendement per jaar kan opleveren. 
Frentrop bepleit een lange termijn horizon voor institutionele beleggers. Opvallend is dat hij daarbij alleen de financiële factoren in ogenschouw neemt. Belangrijker is echter de discussie tussen aandeelhouder en onderneming te verbreden naar meer dan alleen de financiële kengetallen. Juist voor het behalen van lange termijn continuïteit en stabiele inkomstenstromen is het noodzakelijk ook te kijken naar factoren die in eerste instantie niet-financieel zijn; zoals milieu, sociale factoren en ondernemingsbestuur.
Deel deze pagina: