By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Jacqueline Lommen

Lage dekkingsgraad pensioenfondsen: nieuwe premieovereenkomst biedt soelaas

17-03-2016 | Visie | Jacqueline Lommen Onrust over de lage rente en dekkingsgraden van pensioenfondsen vullen de kranten. Dat is niet onverwacht. Een oplossing is dan ook al langere tijd in de maak. De collectieve premieovereenkomst met variabele uitkering maakt ons pensioenstelsel echt toekomstbestendig.

Ons pensioenstelsel is kwetsbaar voor lage rente. Dat blijkt eens te meer nu de grootste pensioenfondsen van ons land - ambtenarenfonds ABP, Zorgfonds PFZW en de metaalfondsen PME en PMT – door de aanhoudend lage rente in februari met hun dekkingsgraad zelfs onder de kritieke grens van 90% zijn gekomen. Kortingen op uitkeringen aan gepensioneerden en opgebouwde rechten van werkenden dreigen.

Ondertussen gaan er allerlei stemmen op. Stemmen die de Europese Centrale Bank en zijn monetaire beleid de schuld geven. Dat is te gemakkelijk en het beleid van de ECB is ook een gegeven. Stemmen die oproepen om de rekenrente te verhogen of de solvabiliteitseisen aan pensioenfondsen te verlagen. Dat is ook niet zaligmakend, want dan dreigt het gevaar dat pensioenfondsen zich rijker rekenen dan ze zijn, blijven de uitkeringen weliswaar ongemoeid maar zit er voor toekomstige generaties minder in de pot.

De genoemde kwetsbaarheid is nu eenmaal inherent aan het pensioenstelsel zoals we dat de afgelopen decennia hebben opgebouwd. Dat stelsel bestaat grotendeels uit pensioenregelingen op basis van een uitkeringsovereenkomst. En een uitkering garanderen kost nu eenmaal geld, want er moeten buffers worden aangehouden om de toezeggingen op termijn waar te maken. Ook moeten de toekomstige rendementen op de pensioenverplichtingen worden ingeschat om ze te waarderen op de balans.

De waardering van deze verplichtingen gaat momenteel tegen een lage (reken)rente en dat holt de buffers uit. Dan moet er dus worden gekort op de verplichtingen en uitkeringen of moeten de premies omhoog. Pijnlijk, maar het is een trend die al lang geleden is voorzien en steeds meer gaat knellen. Maar een oplossing is in de maak.

Dekkingsgraad niet langer noodzakelijk
Het is goed om even boven de Nederlandse pensioenpolder te gaan hangen. Dat verruimt de blik. In de pensioenpolder loopt een brede sloot met op de ene oever de uitkeringsovereenkomst (defined benefit of DB) en op de andere oever de premieovereenkomst (defined contribution of DC). Aan de DB-kant is de uitkering vast gegarandeerd en rusten de pensioenrisico’s op de pensioenfondsen, verzekeraars en de werkgevers. Aan de DC-kant is uitkering variabel en rusten de risico’s veelal op de deelnemers.

In een eerder artikel Slootjespringen is al betoogd dat die sloot – figuurlijk - veel minder breed geworden is. Er wordt door de overheid en sociale partners een gulden middenweg geplaveid die het beste van de twee werelden in zich verenigt (de oude wereld met DB en de nieuwe wereld met DC). Deze middenweg is de brug tussen beide oevers van de sloot en heet premieovereenkomst met variabele uitkering en collectieve risicodeling.

‘Uitkeringsovereenkomsten gaan steeds meer knellen’

Om meerdere redenen zijn de bestaande DB-pensioenregelingen steeds minder houdbaar. Dat komt niet alleen door de aanhoudende onrust over lage rente en dekkingsgraden. Veel meer spelen demografische ontwikkelingen een rol met minder jongeren die het pensioen voor oudere generaties mee kunnen opbrengen. Net als de intransparante herverdeling van de pensioenpot tussen jong en oud, die het vertrouwen in het pensioenstelsel ondermijnt.

Verder is er nog de steeds flexibeler arbeidsmarkt met minder mensen in vaste loondienst en steeds meer zzp’ers. Voor die laatste groep is de impliciete herverdeling van geld in DB-regelingen pijnlijk. En door maatschappelijke ontwikkelingen willen mensen meer grip en controle en vooral ook meer inzicht in hun pensioenvoorziening.

DB-regelingen zijn te complex. De realiteit dwingt uitkeringsovereenkomst steeds meer naar de oever van de sloot. Dan blijven er twee mogelijkheden over: springen naar de overkant, naar DC, of natte voeten halen.

Maar springen is niet eens nodig want er wordt al een brug aangelegd. Bij de premieovereenkomst met variabele uitkering blijft de collectieve risicodeling overeind. Nog belangrijker: alle echt belangrijke risico’s zoals nabestaandenpensioen, arbeidsgongeschiktheid en lang leven blijven zoals vanouds gedekt. Maar de hoogte van de pensioenuitkering wordt voortaan niet langer gegarandeerd. Die wordt afhankelijk van het beleggingsrendement en onze levensverwachting.

Dat is overigens niets nieuws, want in veel huidige uitkeringsregelingen is de harde pensioentoezegging ook al komen te vervallen (alleen beseft niet iedereen dat).
Als de pensioenuitkering niet langer gegarandeerd is, dan vervalt de noodzaak van een buffer voor pensioenfondsen en vervalt de discussie over de waardering daarvan (rekenrente) en de dekkingsgraad.

Toekomstbestendig pensioenstelsel
Een onderdeel van de variabele uitkering is de nieuwe mogelijkheid om door te beleggen na de pensioendatum. Als het pensioenpotje ook na pensionering kan worden belegd, dan verhoogt dat voor een deelnemer het verwachte rendement en daarmee komt de verwachte pensioenuitkering hoger uit. De Tweede Kamer heeft recent het wetsvoorstel voor een verbeterde premieovereenkomst aangenomen waarin het doorbeleggen en collectief blijven delen van risico’s is geregeld. Nu is de Eerste Kamer aan zet. De collectieve premieregeling met variabele uitkering en doorbeleggen is naar verwachting medio dit jaar beschikbaar.

Dit zijn allemaal stappen die het voor sociale partners gemakkelijker maken om de pensioenregeling om te vormen van een uitkeringsovereenkomst naar een premieregeling. Ofwel om de stap op de brug van de DB- naar DC-walkant te zetten.

Het kabinet en sociale partners werken aan een nieuw, toekomstbestendig pensioenstelsel. Robeco werkt ondertussen voor klanten aan een concrete pensioenoplossing met doorbeleggen. Daarover verschijnen binnenkort meer artikelen.

evolutionair-proces-549px.jpg

Jacqueline Lommen

Jacqueline Lommen

Directeur Europese Pensioenen en bestuurslid Stichting PPI Robeco

"De PPI vervult als pensioeninstelling een belangrijke rol in het toekomstbestendig maken van het Nederlandse pensioenstelsel.”

Deel deze pagina:


Auteur

Jacqueline Lommen
Directeur Europese Pensioenen en bestuurslid Stichting PPI Robeco


Join the conversation



Nieuwsbrief

Meld u aan voor onze e-mail nieuwsbrief om updates te ontvangen en op de hoogte te blijven van aankomende webinars.