By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Ronald van Dijk

'Het combineren van kwantitatieve en fundamentele strategieën biedt duidelijke voordelen'

02-07-2014 | Visie Volgens APG biedt het combineren van verschillende kwantitatieve en fundamentele strategieën duidelijke voordelen.

De Nederlandse vermogensbeheerder APG is een van de grootste beleggers van pensioenfondsgeld ter wereld. Het heeft ruim EUR 359 miljard aan beheerd vermogen en is verantwoordelijk voor 30% van alle Nederlandse collectieve pensioenen. Kwantitatieve aandelenstrategieën zijn bijzonder belangrijk voor APG.


We spraken met Ronald van Dijk, hoofd Aandelen Ontwikkelde Markten bij APG. Hij is verantwoordelijk voor het beleggen van EUR 65 miljard in aandelen uit ontwikkelde markten op een kwantitatieve basis, en EUR 40 miljard op een fundamentele basis. Als ervaren belegger geeft hij inzicht in hoe kwantitatieve en fundamentele strategieën kunnen samengaan. Verder legt hij uit waar institutionele beleggers op moeten letten bij het gebruik van kwantitatieve strategieën.

Welke voordelen heeft het combineren van kwantitatieve en fundamentele strategieën?
Naar onze mening biedt een combinatie van deze verschillende strategieën duidelijke spreidingsvoordelen.

Onze kwantitatieve beleggingen hebben op andere momenten een outperformance dan onze fundamentele strategieën. Op deze manier kunnen we een stabielere alfa behalen dan wanneer we ons volledig op één soort strategie zouden richten. De factoren die positief bijdragen aan het rendement variëren. Soms is de markt factorgedreven of sentimentgedreven, wat vooral gunstig is voor kwantitatieve strategieën. Markten waarin het moeilijk is om elementen te kwantificeren, zoals wijzigingen in de bedrijfsstrategie en externe risico's, zijn juist meer geschikt voor fundamentele beleggingsstrategieën.

Er is sprake van spreiding omdat de strategieën kijken naar verschillende aspecten van een bedrijf en het marktsentiment. De beleggingshorizon is ook verschillend ¬– voor quant maximaal drie jaar, terwijl de meeste van onze fundamentele strategieën zich richten op drie tot vijf jaar. En sommige hebben een horizon van tien jaar of zelfs een onbepaalde horizon. Verder volgen onze kwantitatieve strategieën vaak waardestrategieën, terwijl onze externe fundamentele managers meestal een groeistrategie volgen. De ene keer is waarde in trek, de andere keer groei.

Vanwege de omvang van ons fonds is onze enige beperking dat we kiezen wat werkt. We hoeven ons niet te beperken tot enkele strategieën. We kunnen een extra strategie toevoegen zolang deze bijdraagt aan een stabielere outperformance en meer alfa.

Biedt het combineren van kwantitatieve en fundamentele strategieën ook intern voordelen?
De combinatie van fundamentele en kwantitatieve strategieën maakt ons proces voor portefeuillebeheer beter. Er zijn niet veel vermogensbeheerders die deze combinatie kunnen bieden, maar Robeco is er een van.
De technieken die zijn ontwikkeld voor kwantitatieve strategieën – zoals risicobeheer op meerdere vlakken, minimalisatie van transactiekosten en portefeuillebouw – kunnen ook worden gebruikt voor onze fundamentele aandelenstrategieën.

Zitten er ook nadelen aan kwantitatief beleggen?
'Nadelen' is een te groot woord. Kwantitatieve strategieën verschillen wel van fundamentele strategieën, en je moet je bewust zijn van de mogelijke tekortkomingen ervan. Zo is de bedrijfsanalyse minder diepgaand dan bij fundamenteel onderzoek, maar dit kan worden gecompenseerd door een meer gespreide portefeuille te bouwen.

En de nadelen van quant nemen af. In het verleden gebruikten kwantitatieve strategieën alleen gestructureerde gegevens, zoals bedrijfsgegevens afkomstig van balansen en voorspellingen van analisten. Tegenwoordig kunnen deze strategieën ook teksten gebruiken als input voor de analyse. Databases met harde cijfers zijn geen vereiste meer. Deze teksten kunnen worden geanalyseerd om het huidige sentiment van een specifiek aandeel te beoordelen, of om de nieuwste ESG-risico's (Environmental, Social en Governance) te beoordelen.

Ongestructureerde gegevens worden alleen in de beginfase gebruikt. Er zijn aanzienlijke mogelijkheden omdat computers steeds beter worden en door het gebruik van econometrische modellen. We werken samen met universiteiten om alle beschikbare mogelijkheden te beoordelen.

Een ander nadeel van kwantitatief beleggen dat aan het verdwijnen is, is de omloopsnelheid van de portefeuille. Vroeger dacht men dat een kwantitatieve strategie alleen mogelijk was in combinatie met een hoge omloopsnelheid. Dit is niet meer het geval. De omloopsnelheid van onze portefeuille is lager dan die van veel fundamentele strategieën. De signalen van onze kwantitatieve modellen zijn ook langer relevant en ons proces voor portefeuilleconstructie streeft ernaar de omloopsnelheid te beperken.

Het gebruik van factor- en smart bèta-beleggen is een 'trending topic'. Wat zijn de voordelen?
Transparantie, lagere kosten en een beter risico-rendementsprofiel dan marktgewogen strategieën. We gebruiken drie verschillende soorten strategieën:
  • Minimum volatiliteit, een kwantitatieve strategie om een positie in aandelen te krijgen met een lager risico. 
  • Beleggen in risicopremies. Kwantitatieve modellen streven ernaar te worden beloond met extra rendementen (bijvoorbeeld waarde en momentum) voor het nemen van risico's.
  • Fundamentele aandelenstrategieën met een beleggingshorizon van meer dan tien jaar. Soms ontbreekt het andere marktpartijen aan geduld, omdat zij met uitstroom zitten en zich zorgen maken over illiquiditeit.

Zijn factorpremies een compensatie voor risico?
Dat is een wetenschappelijke discussie. Zijn ze een compensatie voor risico of zijn ze een afwijking van de CAPM-theorie? In beide gevallen zijn we tevreden. Ook al zijn ze een compensatie voor risico, dan is dat geen probleem zolang we hogere rendementen kunnen behalen. We kunnen risico's spreiden door verschillende kwantitatieve en fundamentele strategieën te combineren. Hierbij is het belangrijk dat de fundamentele strategieën niet dezelfde exposure hebben naar factorpremies als de kwantitatieve strategieën.

Bent u bezorgd dat factorpremies verdwijnen?
We zijn alert en houden continue in de gaten hoe goed signalen werken en of een bepaalde strategie niet te veel gebruikt wordt. Neem bijvoorbeeld laagvolatiel beleggen. We houden nauwlettend in de gaten hoeveel in deze strategieën wordt belegd. We maken ons nu geen zorgen, omdat dit – verrassend genoeg – nog maar een klein percentage is van alle actieve beleggingsstrategieën wereldwijd. Maar als een bepaalde strategie naar onze mening te veel gebruikt wordt, kunnen we onze exposure verlagen.

Hoe belangrijk zijn laagvolatiele strategieën voor Nederlandse pensioenfondsen?
Nederlandse pensioenfondsen, waaronder veel van onze klanten, beleggen graag in laagvolatiele strategieën; we hebben hierin tot nu toe EUR 12 miljard belegd. Deze hoge mate van acceptatie is mede het gevolg van het vele wetenschappelijk onderzoek dat op dit gebied is uitgevoerd. Nederlandse onderzoekers hebben hieraan een aanzienlijke bijdrage geleverd.

Het heeft de manier veranderd waarop pensioenfondsen tegen risico aankijken. Voor Nederlandse en internationale pensioenfondsen was de tracking error altijd erg belangrijk. Maar dit is veranderd. Het totale risico is nu belangrijker. Hoe stabiel is de dekkingsgraad: hoeveel fluctueert de waarde van de beleggingen ten opzichte van de verplichtingen? En dan komt de strategie met een minimum volatiliteit in beeld. Een stabielere dekkingsgraad is uiteraard erg aantrekkelijk.

Wat is uw mening over de MSCI Minimum Volatility-index?
Het concept is goed. Het geeft een indicatie van hoe bepaalde smart bèta-indices presteren. Maar er zijn ook nadelen. Voor ons is het moeilijk om deze benchmark nauwlettend te volgen, want onze capaciteit om erin te beleggen is te beperkt. Daarom moesten we op zoek naar alternatieven. Bovendien wilden we een minimum volatiliteit combineren met waarderingsaspecten. Een andere reden is dat we ESG-factoren wilden opnemen, die niet zijn meegenomen in deze index.

Hoe gemakkelijk is het om ESG-factoren te combineren in kwantitatieve strategieën?
Onze pensioenfondsklanten verwachten van ons dat we ESG integreren in elke beleggingscategorie. We hebben veel onderzoek gedaan naar hoe je ESG kunt integreren binnen quant. De kwaliteit en marktdekking van ESG-gegevens wordt steeds beter. Dit biedt veel ruimte om ESG en quant op innovatieve manieren te combineren. In de eerste plaats moet onze benadering in lijn worden gebracht met het beleid voor verantwoord beleggen van onszelf en onze klanten: welke ESG-aspecten zijn belangrijk voor ons als belegger? Quants weten als de beste hoe ESG kan worden gebruikt om een bijdrage te leveren aan het risico en rendement.

Is Nederland een geschikte basis voor kwantitatief beleggen?
Absoluut. De Nederlandse vermogensbeheersector heeft een traditie van tientallen jaren in kwantitatief aandelenbeleggen. Ons land loopt voorop op het gebied van kwantitatieve technieken zoals multi-factorbeleggen, geïntegreerd transactiekostenbeheer en asset liability management. We zijn blij met het aantal goede econometristen afkomstig van de Nederlandse universiteiten – en ook van andere relevante disciplines zoals wiskunde, natuurkunde en informatica. Je hebt goede mensen nodig om kwantitatieve strategieën succesvol te realiseren. Verder kan Nederland, dankzij zijn goede reputatie op quantgebied, talent uit het buitenland aantrekken.

Half werk is geen optie bij kwantitatief beleggen. Je doet het goed of je doet het niet. Het vereist langdurige investeringen in mensen en een specifieke IT-infrastructuur. We hopen dat de Nederlandse vermogensbeheersector zijn sterke positie zal behouden, want dit zal bijdragen aan het uitwisselen van nieuwe ideeën en het aantrekken van talent.


Deel deze pagina:


Join the conversation



Nieuwsbrief

Meld u aan voor onze e-mail nieuwsbrief om updates te ontvangen en op de hoogte te blijven van aankomende webinars.