By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

De veranderende rol van de sociale partners

16-05-2014 | Column | Jacqueline Lommen

Sociale partners. Ze hebben veel goeds gebracht in de pensioensector. Maar hun rol is aan het veranderen. Nieuwe bestuursmodellen, representativiteit van de vakbonden en een Algemeen Pensioenfonds (APF) dat voortaan ook door anderen dan de sociale partners kan worden opgericht. Waar komt het nieuwe evenwicht te liggen?

Vele petten
In de bedrijfstakken zijn het de werkgeversverenigingen en de vakbonden. Binnen de ondernemingen zijn het de werkgever en de ondernemingsraad. De definitie is rekkelijk, maar ‘de sociale partners’ hebben een prachtig pensioenstelsel opgebouwd in de afgelopen zes decennia. Nu de motor van het stelsel hapert en naar aanpassingen wordt gezocht, valt echter steeds meer op dat ze vele petten dragen.

CAO- en pensioentafel
In de eerste plaats zitten de sociale partners aan de CAO-tafel, waar de loonruimte wordt bepaald. In het verlengde daarvan zitten dezelfde partners aan de zogenoemde pensioentafel. Welk deel van de loonruimte gaat naar uitgesteld inkomen via de pensioenovereenkomst? Wordt het de tussenvariant, CDC uit noodzaak, de innovatieve collectieve premieovereenkomst of toch meteen doorsteken naar de toekomstbestendige Smart DC regeling? En als ze elkaar gevonden hebben zitten de partners vervolgens ook aan het stuur bij de keuze van het uitvoeringsmodel. Bij welke pensioeninstelling wordt de pensioenovereenkomst ondergebracht?

Pensioeninstellingen
Bij deze drie verschillende rollen stopt het niet. Sociale partners zijn ook de oprichters van het pensioenfonds dat de pensioenregeling beheert. Gezamenlijk zijn zij eigenaar van de financiële buffers en bepalen het strategische beleid van het fonds. Daarnaast vormen de partners het dagelijks bestuur waar de discretionaire bevoegdheid ligt over herverdelen en de daadwerkelijke hoogte van de individuele pensioenaanspraken.
Sociale partners zetten echter steeds vaker deze vierde en vijfde pet zelf af. Bijvoorbeeld door in het pensioenfonds over te stappen op een ander bestuursmodel en een stapje terug te doen, Of door te kiezen voor een uitvoeringsmodel waarvan ze niet zelf eigenaar zijn, zoals een premiepensioeninstelling (PPI), verzekeraar of een Algemeen Pensioenfonds (APF). In beide gevallen wordt de relatie geobjectiveerd, worden de taken en verantwoordelijkheden transparant gemaakt, de countervailing powers versterkt en personele unies voorkomen.

Pensioendienstverleners
En dan is er nog een zesde pet. De meeste fondsen hebben alle operationele activiteiten uitbesteed aan veelal commerciële pensioenuitvoeringsorganisaties, zoals APG, PGGM, Syntrus en MN Services. De eigenaren van deze PUO’s en hun raden van bestuur bestaan veelal uit dezelfde sociale partners als we hierboven hebben zien langskomen.
Ook hier zijn veranderingen gaande. De commerciële brede ambitie van de PUO’s kan bijten met de insteek van de sociale partners, die ‘hun’ uitvoeringsbedrijf ook voor anderen zien werken. En de fiscale en juridische privileges die PUOs’ van oudsher hebben, ten opzichte van dienstverleners die niet rechtstreeks voortkomen uit pensioenfondsen, staan ter discussie.

Publieke consultaties
De zes petten van de sociale partners zijn een logisch gevolg uit het verleden. De eerste drie petten zijn van cruciaal belang en moeten we volgens mij koesteren. Het tweede drietal wordt steeds vaker bewust afgezet en dat zie ik als een positieve ontwikkeling. De polder gaat zich daardoor wat openen. De Sociaal-Economische Raad en de Stichting van de Arbeid zijn daardoor ook niet langer meer het exclusieve aanspreekpunt voor de overheid voor pensioenzaken. Via publieke consultaties (zie  www.internetconsultatie.nl) wordt de dialoog gezocht, frisse ideeën van nieuwe spelers verwelkomd en breder draagvlak vergaard. Een aanpak die in Brussel al langer gangbaar is en gelukkig nu ook is overgewaaid naar Nederland!

Deze column verscheen eerder op FD Pensioen Pro

Deel deze pagina: