By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

De Turkse couppoging vanuit beleggersoogpunt

06-09-2016 | Visie | Dimitri Chatzoudis

Als reactie op de recente couppoging heeft president Recep Tayyip Erdogan zijn greep op het land verstevigd. De huidige ontwikkelingen voorspellen in onze ogen niet veel goeds voor de politieke en economische toekomst van Turkije. Daarom hebben we onze positie in dit land teruggebracht naar een onderweging.

In het kort:
  • Erdogan stuurt waarschijnlijk nog meer aan op hogere bbp-groei
  • Economische onbalans neemt toe en maakt het land kwetsbaar
  • Onze positie in Turkije verlaagd naar onderwogen

Een deel van het leger heeft op vrijdag 15 juli een mislukte poging gedaan de regering van president Erdogan omver te werpen. Naar schatting 300 mensen zijn omgekomen en er zouden ruim 2.100 gewonden zijn gevallen. Toen de coup uitdoofde, nam de Turkse regering het heft weer in handen en werden ruim 6.000 coupplegers gearresteerd. Dit was de zesde staatsgreep of poging tot staatsgreep in Turkije sinds 1960.

Om de recente ontwikkelingen en de gevolgen voor beleggers goed te begrijpen, is het belangrijk te weten welke rol het leger speelt in Turkije en wat daaraan is veranderd toen Erdogan aan de macht kwam. Daarom gaan we eerst daarop in, voordat we de gevolgen van de couppoging bespreken.

De rol van het leger in de Turkse samenleving

Mustafa Kemal, beter bekend als Atatürk (Vader der Turken), wordt algemeen gezien als de grondlegger van het huidige Turkije. Toen het land na de Eerste Wereldoorlog werd bezet door de geallieerden, voerde Atatürk – die legerofficier was tijdens de oorlog – de Turkse Nationalistische Beweging aan tijdens de Onafhankelijkheidsoorlog. Nadat de buitenlandse troepen eenmaal waren verslagen, werd hij de eerste president van Turkije. Atatürk voerde politieke, economische en culturele hervormingen door in een poging het voormalige Ottomaanse Rijk te veranderen in een modern en seculier land.

Onder het leiderschap van Atatürk zijn duizenden nieuwe scholen gebouwd, werd basisonderwijs gratis en verplicht, en kregen vrouwen gelijke burger- en politieke rechten. Bovendien veranderde hij de rol van de kerk. Atatürk beschouwde religie als een van de grootste obstakels voor modernisering. Daarom zorgde hij voor een scheiding tussen staat en kerk, waardoor religieuze leiders hun macht verloren. De macht van het leger nam daarentegen toe, omdat dat zijn achtergrond was. Na de dood van Atatürk beschouwde het leger zichzelf als de beschermer van de seculiere staat en de democratie. Door de jaren heen heeft het leger dan ook meerdere keren ingegrepen om de Turkse democratie op de – in hun ogen – juiste koers te houden ten tijde van instabiliteit. Het leger stond dus eigenlijk boven de wet en had jarenlang de absolute macht.

Erdogan aan de macht ten koste van het leger

Recep Erdogan groeide op aan de kust van de Zwarte Zee in een arbeidersgezin, dat naar Istanboel verhuisde toen hij 13 jaar was. Daar sloot hij zich aan bij de jeugdafdeling van de partij van Necmettin Erbakan, de grondlegger van de islamitische beweging in de Turkse politiek. Erbakan riep op de islamitische waarden in Turkije te versterken. Hij wilde dat het land zich meer zou gaan richten op de relatie met moslimlanden en minder op de westerse wereld. In 1997 dwong het leger Erbakan af te treden als premier van Turkije.

De politieke carrière van Erdogan begon in 1994 toen hij werd verkozen tot burgemeester van Istanbul. Erdogan is een pragmatische, maar ook religieuze man. En dat bracht hem in 1997 in de problemen toen hij werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van tien maanden – hij had tijdens een demonstratie een gedicht voorgelezen van een islamistisch dichter. Zijn pragmatische kant kwam in 2001 naar voren toen hij de AKP oprichtte (Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling). De AKP stelde een islamitische identiteit niet centraal. De leiders benadrukten dat het geen islamistische partij was, maar dat de focus lag op democratisering en niet op de politisering van religie. In 2003 won de AKP de verkiezingen en werd Erdogan premier van Turkije.

‘Erdogan heeft grotere kans presidentieel systeem in te voeren’

De eerste jaren kreeg Erdogan steun van Fethullah Gülen en zijn Gülen-beweging. Maar in 2013 ontstond er een hooglopend politiek conflict dat tot een breuk leidde. De Gülen-beweging wordt gezien als een moderne tak van de islam. Zij probeert de overtuigingen van Atatürks seculiere republiek te combineren met een traditioneel, maar flexibel islamitisch geloof. Gülen leeft sinds 1999 in zelfverkozen ballingschap in de VS, omdat hij bang was berecht te worden voor zijn islamistische overtuigingen. Het is onduidelijk hoeveel volgers zijn beweging heeft – schattingen lopen uiteen van een paar honderdduizend tot maar liefst zeven miljoen. De Gülen-beweging wordt er al langer van beschuldigd invloed uit te oefenen binnen het Turkse politieke en juridische stelsel en te bouwen aan een ‘parallelle staat’.


In 2010 hield de AKP een constitutioneel referendum over een aantal grondwetswijzigingen. Deze wijzigingen waren bedoeld om de grondwet af te stemmen op de normen van de Europese Unie. Een van de aanpassingen was het opheffen van de bescherming van legerleiders. Daardoor konden leiders van een coup voor de rechter gesleept worden en legerofficieren die een misdaad pleegden tegen de staat, zoals het beramen van een coup, berecht worden door een burgerlijke rechtbank. De meerderheid van de bevolking stemde voor de wijzigingen, waardoor het leger veel macht verloor.

Dit was een belangrijke ontwikkeling voor het land en de start van een nieuw tijdperk. Het leger kon niet langer ingrijpen zonder daarvoor gestraft te worden. Bovendien kon Erdogan zijn macht nu verder uitbreiden zonder het risico dat hij afgezet zou worden door het leger. In 2014 werd hij na drie termijnen als premier – het maximum binnen de regels van zijn partij – verkozen tot president. Dit wees op een verschuiving van de macht binnen de Turkse regering. Presidenten werden weliswaar gekozen door het parlement, maar de functie was vooral symbolisch – ze hadden weinig echte macht. Erdogan liet echter al gauw zien dat hij als president een grotere rol wilde spelen dan de presidenten voor hem. Zijn doel was het huidige parlementaire systeem, met beperkte macht voor de president, te veranderen in een presidentieel systeem waarbij de president uitvoerende macht kreeg. Natuurlijk zou Erdogan dan zelf de eerste president onder dit nieuwe regime worden.

Deze historische ontwikkelingen maken duidelijk waarom in ieder geval een deel van het leger bereid was mee te werken aan de coup tegen Erdogan.

Politieke gevolgen van de recente couppoging

Het is nog steeds niet duidelijk wie er nou echt achter de recente couppoging zaten. De Turkse regering wijst met de beschuldigende vinger naar Fethullah Gülen en zijn Gülen-beweging. In Turkije zijn veel mensen ervan overtuigd dat de VS Erdogan wil afzetten en dat de CIA achter de coup zit. Tegelijkertijd denken veel mensen in het Westen juist dat Erdogan zelf verantwoordelijk is voor de coup.

Wij weten niet wie achter deze coup zit, maar we weten wel dat deze is mislukt en dat Erdogan als de grote winnaar uit de bus is gekomen. Deze overwinning heeft twee belangrijke gevolgen. Ten eerste kon Erdogan voor ten minste drie maanden de noodtoestand uitroepen. Daardoor kon hij heel wat veranderingen doorvoeren die anders lastig door te voeren waren. Er zijn zo'n 6.000 militairen opgepakt, waaronder ongeveer 100 hoge officieren. Daarnaast zijn ook bijna 3.000 rechters en officieren van justitie ontslagen. In totaal zijn 60.000 mensen ontslagen vanwege hun vermeende band met de Gülen-beweging. Bovendien wordt nu meer druk uitgeoefend op alle soorten media. Al met al heeft de mislukte coup ervoor gezorgd dat Erdogan zijn greep op de staat en de media aanzienlijk heeft kunnen verstevigen.

Ten tweede is de steun van het volk voor Erdogan enorm toegenomen. Hij wordt nu gezien als de sterke man die Turkije kan beschermen tegen potentiële vijanden. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het neerslaan van de coup voor Erdogan zijn ‘Atatürk-moment’ was. Achteraf kan dit wel eens een moment zijn geweest waarop de politieke koers van Turkije weer radicaal is omgegooid. Erdogan kan zijn huidige populariteit gebruiken om de grondwet aan te passen naar een presidentieel systeem.

In Turkije is voor een grondwetswijziging een tweederde meerderheid van het parlement nodig, maar het kan ook via een referendum. Op dit moment heeft de AKP geen tweederde meerderheid, dus zijn er drie opties: andere partijen overtuigen van de grondwetswijziging, nieuwe verkiezingen uitroepen of een referendum organiseren. Het is afwachten welke keuze de partij maakt en wanneer, maar zeker is wel dat Erdogan op dit moment enorm veel steun heeft van het volk en ook – niet verrassend – van de media. De bal ligt bij hem en de kans op succes is dankzij de recente gebeurtenissen aanzienlijk toegenomen.

Erdogan en de economie

De volgende vraag is wat de economische gevolgen zijn als Erdogan als president uitvoerende macht krijgt. Het huidige economische beleid van Erdogan is vooral gericht op hogere bbp-groei, ook al leidt dat tot macro-economische onbalans. Deze bbp-groei was de afgelopen jaren inderdaad relatief hoog, maar het schuldniveau in de economie is ook snel gestegen. Nog gevaarlijker is de snelle toename van de buitenlandse schuld, die nu 55% bedraagt van het bbp. Deze schuldquote is een van de hoogste in de opkomende wereld – voor de meeste opkomende landen ligt deze onder de 40%. De snelle toename van buitenlandse schuld maakt Turkije kwetsbaar. In de huidige omgeving van lage rentes en de zoektocht naar rendement levert dit nog geen grote problemen op, maar het land is wel zeer kwetsbaar als de wereldwijde liquiditeit opdroogt.

Daarnaast hanteert Turkije een ruim monetair beleid. In bijna alle landen is de inflatie de afgelopen tijd gedaald, maar in Turkije is deze hoog gebleven, rond de 8%. Ook het tekort op de lopende rekening blijft hoog. Door de hoge binnenlandse groei moet er namelijk veel geïmporteerd worden. De valuta is weliswaar behoorlijk verzwakt, maar er is nog steeds een tekort op de lopende rekening. Bovendien zijn er de laatste jaren te weinig structurele veranderingen doorgevoerd om de concurrentiekracht van de economie te verbeteren.

Deze beleidsmix hebben we ook in andere landen van de Europese periferie gezien. Daar zagen we dat dit een aantal jaar goed kan gaan, maar ook dat het zeer snel misgaat als de wereldwijde liquiditeit eenmaal opdroogt.

Onze verwachting: erosie van fundamentals

Wat kunnen we verwachten? Ons basisscenario is dat Erdogan de huidige beleidsmix handhaaft, maar hij kan in de uitvoering een stuk daadkrachtiger zijn dankzij zijn toegenomen macht. We verwachten dat de druk op banken toeneemt, bijvoorbeeld om meer geld uit te lenen of de rente te verlagen. Daarnaast nemen mogelijk ook de investeringen in de infrastructuur toe, zelfs als die niet altijd even productief zijn. Dat is zeker geen nieuw fenomeen in de opkomende wereld.

Als Erdogan uitvoerende macht krijgt, verwachten we – in ons basisscenario – ook een toename van de corruptie in Turkije. We hebben in opkomende markten vaak genoeg gezien dat de corruptie toeneemt als politieke partijen of leiders te lang aan de macht zijn – macht maakt corrupt, absolute macht maakt nog veel corrupter. En dat heeft een negatief effect op bijvoorbeeld de concurrentiekracht en de directe buitenlandse investeringen. Deze gevolgen zijn niet van de ene op de andere dag zichtbaar, maar zorgen langzaam maar zeker voor een verslechtering van de onderliggende fundamentals van het land.

Maar zoals gezegd, Erdogan is ook een pragmatisch man. Hij heeft in het verleden al laten zien in staat te zijn het roer om te gooien als iets niet werkt. Dat zou ook nu kunnen gebeuren. Als hij ziet dat het huidige economische beleid niet werkt, kan hij zomaar een blik nieuwe hervormingen opentrekken, net als toen de AKP aan de macht kwam in het vorige decennium. We denken echter dat de kans hierop relatief klein is, maar we houden het wel in ons achterhoofd als het alternatieve scenario. De ervaring leert ons dat machtige leiders doorgaans eerder de dosering van het bestaande medicijn verhogen dan dat ze een nieuw medicijn voorschrijven.

Onze positie: een kleine onderweging

Eerder dit jaar stelden we onze visie op de Turkse politieke situatie naar beneden bij. We verlaagden toen de overweging in Turkse aandelen in onze Emerging Markets kernstrategie. Direct na de couppoging hebben we onze positie verder teruggebracht. In de MSCI Emerging Markets Index heeft Turkije op dit moment een weging van 1,2%, dus met een weging van 0,9% (op 31 juli 2016) in Robeco’s mainstream Emerging Equities-strategieën hebben we nu een kleine onderweging.


[1] Per 31 juli 2016.

Deel deze pagina:


Join the conversation



Nieuwsbrief

Meld u aan voor onze e-mail nieuwsbrief om updates te ontvangen en op de hoogte te blijven van aankomende webinars.