By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Het raadsel van de afnemende productiviteitsgroei

Het raadsel van de afnemende productiviteitsgroei

09-06-2015 | Visie | Peter van der Welle De productiviteitsgroei is de afgelopen jaren in veel landen behoorlijk teruggelopen. Volgens Peter van der Welle, strateeg bij Robeco, is dat geen reden voor ongerustheid. Dankzij de kracht van 'creatieve destructie’ zal de productiviteitsgroei terugkeren naar het gebruikelijke niveau.

In het kort:
  • De productiviteitsgroei is de afgelopen jaren behoorlijk teruggelopen
  • De vraag of die daling cyclisch of structureel is heeft gevolgen voor het monetaire beleid
  • Meest waarschijnlijke scenario: terugkeer naar het historische niveau van productiviteitsgroei
Economische groei is een product van de groei van de beroepsbevolking en de productiviteit. Als gevolg van vergrijzing zal het aantal werkenden in veel ontwikkelde landen in de toekomst eerder af- dan toenemen. Het belang van een gezonde groei van de productiviteit van een economie wordt daarom steeds belangrijker om de effecten van de vergrijzing op te vangen.

In ontwikkelde landen is de werkloosheid de afgelopen jaren gedaald, maar dat heeft nauwelijks geleid tot een stijging van de productie. Vooral in Groot-Brittannië lijkt de productiviteitsgroei de afgelopen jaren te zijn stilgevallen. “De eerste reactie van veel economen was om de statistieken in twijfel te trekken”, vertelt Van der Welle. “Inmiddels is alles nog eens nagerekend en meetproblemen blijken in Groot-Brittannië slechts een kwart van de daling in de productiviteitsgroei te verklaren.”

Het blijft dus een raadsel wat de sterke afvlakking van de productiviteitsgroei veroorzaakt. Het fenomeen heeft zelfs al een discussie op gang gebracht over de vraag of er nu een eind is gekomen aan de productiviteitsstijging die sinds de industriële revolutie rond de 1,75% per jaar schommelt. “De zorg onder beleidsmakers over de mogelijkheid van een langdurige stagnatie is positief”, meent Van der Welle: “Men ziet in dat alle makkelijk te implementeren productiviteitsverbeteringen al zijn doorgevoerd. Maar door deze discussie wordt weer aan de boom geschud”.

Structureel of cyclisch
Voor de afname van de productiviteitsgroei zijn twee hypothesen in omloop. De eerste is dat de daling structureel van aard is omdat we de grote productiviteitsverhogende omwentelingen zoals de introductie van de stoommachine, elektriciteit en computertechnologie al achter de rug hebben.

‘Er heeft zich nog geen nieuwe motor van innovatie aangediend’

De effecten van de laatste innovatiegolf - de it-revolutie eind jaren negentig - zijn inmiddels wat weggeëbd en er zou zich sindsdien geen nieuwe motor van innovatie aangediend hebben. Deze hypothese wordt onderschreven doordat uit een studie van de Fed blijkt dat de productiviteitsgroei in de Verenigde Staten al een dalende trend liet zien in de jaren voorafgaand aan de financiële crisis. Bovendien neemt de werkgelegenheid de laatste jaren al toe, zonder dat er een corresponderende groei in het BBP valt te ontdekken.

De tweede hypothese is dat de daling van de productiviteitsgroei vooral cyclisch van aard is en veroorzaakt is door de financiële crisis. De vraaguitval door de opvolgende recessie, beperkingen in de kredietverlening voor innovatieve bedrijven, onzekerheid onder topmannen over het investeringsklimaat en bedrijven die terughoudend waren met het ontslaan van werknemers hebben in de nasleep van de financiële crisis bijgedragen aan de daling in de productiviteit.

Monetair beleid en rente
Vanuit een beleggingsperspectief is de vraag welk gedeelte van de daling van de productiviteitsgroei verklaard wordt door cyclische factoren onder meer relevant omdat het de inflatoire druk en daarmee het monetair beleid en de rente beïnvloedt.

Als deze cyclische factoren een grote rol blijken te spelen, zal een aantrekkende vraag weinig additionele inflatie druk gaan opleveren omdat er gemakkelijk een tandje bij kan in de industrie en dienstensector zonder dat dit tot hogere looneisen of uitbreidingsinvesteringen hoeft te leiden. Dat betekent dat centrale banken hun ruime monetaire beleid minder snel hoeven te verkrappen.

Bij een structurele daling in productiviteit loopt de economie bij een aantrekkende conjunctuur eerder tegen de capaciteitsgrenzen aan. In die situatie zullen de kostprijzen sneller oplopen, zodat centrale banken eerder gedwongen worden om de rente te verhogen.

Productiviteitsparadox
In de huidige situatie doet zich het vreemde geval voor dat de inzet van nieuwe technologieën zich niet lijkt te vertalen in hogere productiviteitsgroei. Robots krijgen steeds vaker een plaats op de werkvloer. Daar komt bij dat krachtigere computers en nieuwe internettoepassingen veel werk uit handen nemen. Het is echter niet de eerste keer dat de introductie van extra hulpbronnen niet meteen tot uitdrukking kwam in een productiviteitstoename.

In 1987 merkte econoom Robert Solow op dat de computer overal in de maatschappij zijn intrede had gedaan, behalve in de productiviteitsstatistieken. Een verklaring hiervoor is dat de ontslagen medewerkers door robotisering aan de slag gingen in de minder productieve dienstensector waardoor de productiviteitsgroei van de economie als geheel tijdelijk lager kan uitvallen, zeker in een post – recessie periode.

‘Techno-pessimisme versterkt zichzelf’

De daling in de productiviteitsgroei wordt dus veroorzaakt een complexe mix van statistische, structurele en cyclische factoren. Ook de culturele factor moet in de ogen van Van der Welle niet veronachtzaamd worden: “De vraag is in hoeverre de volwassen economieën zichzelf blijven ontwikkelen. Techno-pessimisme versterkt zichzelf.”

In het kielzog van Amerikaanse innovatie
Zeker in de Verenigde Staten is er volgens Van der Welle echter volop reden tot optimisme: “Silicon Valley is al decennialang een broedplaats voor nieuwe innovaties en het land beschikt over de beste universiteiten. Bovendien is er in de ondernemende geest van de Amerikaanse burger weinig plaats voor een zichzelf versterkend techno-pessimisme. Het zijn daarom vooral de Amerikanen die nieuwe uitvindingen zullen gaan doen.” Andere landen kunnen uiteindelijk de productiviteit verhogen door Amerikaanse technologie te kopiëren.

Daarnaast vormen de positieve verrassingen bij de publicatie van de winst- en omzetcijfers van veel Amerikaanse bedrijven een aanwijzing dat de productiviteit in de toekomst weer kan toenemen. “Door meevallende bedrijfsresultaten neemt het vertrouwen van topmanagers toe”, legt Van der Welle uit.

“Dat komt tot uiteindelijk uitdrukking in stijgende kapitaalinvesteringen. Die inhaalslag is hard nodig, aangezien ondernemingen na de kredietcrisis vervangingsinvesteringen meestal lang hebben uitgesteld. De leeftijd van kapitaalgoederen is hoog in de Verenigde Staten. In het afgelopen jaar zijn de kapitaaluitgaven al met 7% gestegen en die groei zet zich hoogst waarschijnlijk door, zij het in een iets lager tempo door saneringen in de olie-en gassector.”

Barrières voor groei
Van der Welle wijst er daarbij wel op dat er ook factoren zijn die een toename van de productiviteit in de weg staan, zoals handelsbarrières, overheidsregulering, achterstallig onderhoud in infrastructuur en de bescherming van belangrijke technologieën via patenten. Zo wees Google-topman Eric Schmidt eerder al eens op overheidsregulering als reden waarom Google slechts een beperkt deel van de riante kaspositie aanwendt voor investeringen en innovatie.

Over de vooruitzichten voor de lange termijn is van der Welle echter uitgesproken optimistisch: “Op sommige terreinen gaan de ontwikkelingen heel snel waardoor overheden worden ingehaald en er ruimte ontstaat. Een goed voorbeeld zijn de mogelijkheden die ontstaan door de combinatie van technologie en biologie. In 2013 leverde die combinatie al de experimentele kweekburger op, waardoor we aan de vooravond  staan van een revolutie in de voedselproductieketen.”

Peter van der Welle

Strateeg

"Het hanteren van het juiste filter op de beschikbare marktinformatie is cruciaal in ons vak; wat is signaal en wat is ruis?"

Deel deze pagina:

Auteur


Join the conversation

Nieuwsbrief professionals