By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

2015: obligatiemarkten kunnen weer positief verrassen

26-02-2015 | Visie | Kommer van Trigt Door de lage rente vragen sommige beleggers zich af waarom ze nog zouden beleggen in obligaties, omdat ze denken dat het een matig rendement zou opleveren. Maar je kunt nog steeds mooie rendementen behalen, zolang je een actieve en flexibele beleggingsstijl hebt, zegt Kommer van Trigt, fondsmanager van het Rorento Total Return Bond fonds.

In het kort:
  • Obligaties zijn niet vergelijkbaar met sparen bij een bank
  • Er zijn altijd wel ergens waardesegmenten te vinden
  • De creditmarkt biedt aantrekkelijke kansen
  • Kwantitatieve verruiming door ECB is zeer positief voor Europese obligatiemarkten
“De eerste misvatting is dat beleggen in obligaties vergelijkbaar is met sparen bij een bank. Zo krijgen we vaak de vraag wat de running yield van de portefeuille is en er wordt dan van uitgegaan dat dat de performance voor dit jaar wordt. Maar de running yield is een slechte voorspeller van rendement”, zegt Van Trigt, die sinds 2010 fondsmanager is van Rorento.

“De rente en het rendement zijn alleen hetzelfde als de yieldcurve vlak is en het hele jaar onveranderd blijft – in dat geval levert een rente van 2% ook een rendement op van 2%. Maar als de rente met 1%-punt daalt, krijg je een aantrekkelijk extra rendement, afhankelijk van de looptijd van de obligaties.”

“Een beweging van de rente van +0,2% naar -0,2% leidt tot een hogere obligatieprijs, wat interessante rendementen oplevert. Voor obligaties met een duration van tien jaar betekent dit een koersstijging van ongeveer 4%”, zegt hij. “In Denemarken is de rente bijvoorbeeld negatief, maar toch was het rendement van de markt in de eerste zes weken van het jaar bijna 7%. De rente werd namelijk nog negatiever, waardoor de obligatieprijzen stegen.”

‘In Denemarken is de rente negatief, maar toch is het rendement van de markt dit jaar al bijna 7%’

“We beleggen dus niet alleen in obligaties met een interessante rente, maar de richting van die rente is net zo belangrijk.”

Actief zoeken naar waardesegmenten binnen obligatiemarkten
De regionale verschillen tussen rentes kunnen ook worden gebruikt om het beste rendement in de beste markt te krijgen, zegt Van Trigt. “Als manager van een flexibel obligatiefonds kunnen we bijvoorbeeld posities kiezen in de Europese periferie versus de Europese kernlanden, of in de VS versus Europa”, zegt hij. Zo is een aanzienlijk deel van de portefeuille op dit moment belegd in Australische obligaties.

“De steilheid van de curve is ook van belang. Normaal gesproken hebben langerlopende obligaties een hogere rente dan korterlopende obligaties, omdat het langer duurt voordat ze worden afgelost. Om dit extra risico te compenseren wordt dus meer rente betaald. Rorento kan zijn rendement verhogen door te profiteren van veranderingen op de yieldcurve, maar ook door te profiteren van verschillen tussen de yieldcurves van verschillende landen.”

“Dit zijn strategieën waarvoor veel kennis nodig is van actief beheer.”

De creditmarkt – obligaties uitgegeven door bedrijven – biedt ook aantrekkelijke mogelijkheden”, zegt hij. “Op dit moment vinden we vooral achtergestelde financiële bedrijfsobligaties aantrekkelijk. Financiële instellingen zijn nu veel sterker en solvabeler, en de achtergestelde obligaties bieden relatief hoge spreads (risico-opslag ten opzichte van Duitse staatsobligaties). De gemiddelde running yield op deze investment-grade obligaties ligt op meer dan 2%. En is er nog veel ruimte voor de spreads om te verkrappen”, zegt hij.

Een ander aantrekkelijk segment van de vastrentende markt heeft te maken met valutabewegingen. “We waren goed gepositioneerd voor de depreciatie van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar en ook de recente renteverlaging door de Australische centrale bank pakte goed uit voor ons. We waren namelijk al vooruitgelopen op deze actie door short te gaan in de Australische dollar”, zegt hij. “Valutastrategieën worden echter beperkt ingezet, omdat we streven naar obligatieachtige volatiliteit binnen een bandbreedte van 2-6%. Te grote valutaposities passen dus niet binnen dit profiel.”

Kwantitatieve verruiming is ‘zeer positief’
Volgens Van Trigt is het plan van de ECB voor een kwantitatief verruimingsprogramma ter waarde van ruim EUR 1 biljoen – met daarbinnen een grote rol voor aankopen van nationale staatsobligaties – zeer positief voor Europese vastrentende markten. “De aankondiging van de ECB bereid te zijn staatsobligaties op te kopen met een looptijd tot 30 jaar was zeer belangrijk en niet verwacht”, zegt hij.

“Dit is een grote ondersteuning voor langerlopende obligaties, niet alleen in Duitsland, maar ook in Italië. We zijn niet positief over kortlopende Duitse obligaties, maar het lange einde van de curve biedt enkele goede beleggingsmogelijkheden. Er zijn altijd segmenten in de markt waar je als actieve manager kan profiteren van verschillen in relatieve waarderingen.”

Hij zegt dat sommige rendementen die nu mogelijk zijn in deze nieuwe omgeving van kwantitatieve verruiming, beleggers zullen verrassen. “Zo leverden 30-jaarsobligaties uitgegeven door de Duitse overheid bijvoorbeeld een rendement op van ruim 9% in januari.”

Binnen Europa is Van Trigt nog steeds positief over periferie landen zoals Spanje en Italië, wat een paar jaar geleden nog een 'no-go area' was voor beleggers. En hij gelooft niet dat de hernieuwde onrust in Griekenland zal overslaan naar andere markten. Het kwantitatieve verruimingsprogramma van de ECB zal namelijk ondersteuning bieden aan de andere perifere landen.

“Toen de perifere markten net na de toespraak van Draghi in 2012 begonnen te verbeteren, gingen we naar deze markt voor zeer kortlopende staatsobligaties. Maar inmiddels geven we de voorkeur aan langerlopende obligaties binnen de periferie”, zegt hij.

Ingaan tegen de visie van de Fed
Buiten Europa is hij het oneens met de algemene opvatting dat de rente in de VS dit jaar zal stijgen. “De Amerikaanse rente zou zelfs nog verder kunnen dalen”, zegt hij. “De consensus is dat de Fed in juni begint met het verhogen van de korte rente, omdat de arbeidsmarkt herstelt en de groei gezond lijkt. Maar je kunt ook stellen dat de deflatoire druk toeneemt door de lage olieprijs en de sterke Amerikaanse dollar, wat in feite leidt tot de import van deflatie.”

Renteverschil tussen VS en Duitsland historisch hoog: grote kans dat trend weer gaat draaien
us-treasuries-versus-german-bunds.jpg

NB: Amerikaanse Treasuries ten opzichte van Duitse Bunds. Bron: Bloomberg, cijfers tot 13 februari 2015

“Er is nog geen sprake van reële looninflatie en wat heeft de Fed te verliezen door de renteverhoging uit te stellen als overal ter wereld nog wordt verruimd? Landen als Canada, Australië en Zweden zijn allemaal nog bezig hun rente te verlagen en de Bank of Japan en de ECB hebben een obligatieaankoopprogramma aangekondigd. Ik denk dat het best mogelijk is dat de Fed pas volgend jaar begint met het verhogen van de rente. Een jaar geleden was iedereen er nog van overtuigd dat de Bank of England de rente zou verhogen in 2014, maar deze verhoging is inmiddels uitgesteld tot 2016. De situatie verandert dus voortdurend.”

Uiteindelijk gaat het erom dat je een open en flexibele houding hebt en dat je op het juiste moment kunt toeslaan, zegt hij.

“Dankzij onze dynamische strategie met allocatie naar meerdere beleggingscategorieën en de flexibiliteit in het fonds kunnen we optimistisch zijn”, aldus Van Trigt. “In januari hadden we in het fonds een gerealiseerd rendement van bijna 3%. We zien veel mogelijkheden, maar er zijn natuurlijk ook veel uitdagingen. Het is niet alleen een kwestie van uitgesproken kiezen voor de segmenten die het goed doen, maar het is net zo belangrijk om de segmenten te vermijden waar de risico-rendementsprofielen minder aantrekkelijk zijn. Zo hebben we op dit moment geen exposure naar Japanse staatsobligaties – een van de grootste markten wat betreft marktweging.”

‘Uiteindelijk gaat het erom dat je een open en flexibele houding hebt en dat je op het juiste moment kunt toeslaan’

Tools om te beschermen tegen stijgende rente
En wat als de rente toch stijgt? Bij een dalende rente kun je verder de yieldcurve op gaan voor langerlopende obligaties, maar je kunt ook de andere kant op gaan als de rente stijgt.

“Op dit moment verwachten we dat de rente nog verder daalt, maar we moeten er ook voor openstaan dat de rente op een gegeven moment weer kan stijgen”, zegt Van Trigt. “Wij hebben vertrouwen in onze tools waarmee we kunnen anticiperen op een mogelijke verandering van het sentiment op de obligatiemarkten. Het is belangrijk om flexibel te zijn met de positionering van de duration.”

Binnen Rorento kunnen we de duration terugbrengen naar nul om zo het neerwaarts risico te beperken. En het is natuurlijk ook van belang waar je duration is (Duitsland, de periferie, de VS, het VK, Australië, etc.), want in de ene markt kan de rente stijgen en in de andere markt stabiel zijn of dalen.”

duration.jpg
NB: positionering betreft 2010-2015; Het bereik weerspiegelt geen formele boven- en ondergrenzen. Bron: Robeco, cijfers van januari 2015

“We kunnen ook beleggen in producten met een hoge spread (zoals achtergestelde financiële obligaties of high yield), die minder gevoelig zijn voor rentebewegingen. De ervaring leert ons dat er altijd wel ergens binnen de mondiale obligatiemarkten mooie kansen zijn. Als een bepaald deel van de markt te duur of te risicovol wordt, kunnen we overstappen naar een ander deel van de markt dat zich op een ander punt van de cyclus bevindt. Opkomende markten worden bijvoorbeeld weer aantrekkelijker voor het fonds als de fundamentals verbeteren en het technische plaatje gunstig wordt. Dat is de kracht van een flexibele benadering.”
Kommer van Trigt

Kommer van Trigt

Portfolio manager, hoofd Rates team


Deel deze pagina:

Auteur

Kommer van Trigt
Portfolio manager, hoofd Rates team


Join the conversation

Nieuwsbrief professionals