By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Wat verklaart de animo voor Europese staatsobligaties?

24-05-2013 | Visie | Olaf Penninga De belangstelling voor staatsobligaties uit de landen van de eurozone blijft groot. Olaf Penninga, fondsmanager van Robeco Euro Government Bonds, begrijpt waarom.

De rentetarieven op de Europese kapitaalmarkten zijn laag, de ruimte voor verdere rentedaling (en dus koersstijgingen) is veelal beperkt en de onzekerheid over de Europese muntunie is nog niet verdwenen. Genoeg redenen om uit te gaan van het einde van de rally, die in feite al enkele decennia duurt. Of ligt het niet zo simpel? Afgaande op de aanhoudende interesse voor staatspapier uit de landen die de euro hanteren in ieder geval niet. Vooral leningen uit de periferie van de eurozone zijn in trek. De omvang van het in deze leningen beleggende Robeco Euro Government Bonds is in april gestegen dankzij een instroom van ruim EUR 100 mln naar EUR 816 mln. De sterke instroom in het beleggingsfonds komt vooral uit Azië.
 
Japanse belegger wordt naar Europa geduwd
Deze belangstelling hangt onder meer samen met de nieuwe wind die de Japanse regering laat waaien. De eind vorig jaar aangetreden premier Shinzo Abe voert de overheidsuitgaven op en laat de centrale bank een immense hoeveelheid geld in de economie pompen. Met als doel het land uit de al jarenlange malaise van stagnatie en deflatie te trekken. Beleggers zijn hierdoor bang dat de langetermijnrente in Japan zal oplopen, wat koersverlies met zich meebrengt. Daarnaast is een forse verzwakking van de yen een gevolg van dit beleid. Reden voor Japanse beleggers dus om te kijken naar alternatieven in het buitenland.
 
Drie smaakmakers voor Europese staatsleningen
Maar er zijn meer redenen voor de belangstelling voor staatsleningen uit de eurozone. Olaf Penninga, behalve fondsmanager ook lid van het ´Rates-team´ van Robeco, noemt drie factoren die als smaakmaker voor deze leningen fungeren:
  1. Voor in ieder geval een deel van de markt voor Europese staatsobligaties zijn de perspectieven gunstig. Italiaanse, Spaanse en Ierse staatsleningen bieden in relatieve zin een interessante rentevergoeding, terwijl de risico´s zijn afgenomen. Sinds ECB-president Draghi in de zomer van 2012 aangaf dat de centrale bank er alles aan zou doen om de euro te redden is het vertrouwen in de muntunie teruggekeerd.
     
    “De snelheid waarmee de kwestie-Cyprus naar de achtergrond is verdwenen illustreert hoe het klimaat voor Zuid-Europese obligaties is verbeterd.”

    Dit proces ging met horten en stoten, doordat de Italiaanse parlementsverkiezingen en de kwestie-Cyprus tijdelijk roet in het eten gooiden. Maar de snelheid waarmee deze `storende factoren´ ook weer naar de achtergrond verdwenen, is in de ogen van Penninga illustratief voor hoe het klimaat voor beleggingen in obligaties van Zuid-Europese landen is verbeterd. De sterke koerswinsten in de afgelopen weken die deze leningen boekten spreken boekdelen, aldus de fondsmanager.  

  2. De aanpak van de kwestie-Cyprus is positief voor Europese overheidsobligaties. Anders dan bij eerdere reddingsoperaties (Ierland, Portugal, Griekenland) werden spaarders en beleggers door de Europese Trojka (Europese Commissie, ECB en IMF) niet ontzien, waardoor de lasten en de risico´s voor overheden geringer zijn. Duidelijk is inmiddels dat deze aanpak ook bij toekomstige steun aan in problemen komende landen zal worden toegepast.

  3. Er waait een nieuwe wind door de financieel-economische politiek in Europa. Overheden willen meer nadruk leggen op stimulering van de economische groei in plaats van op bezuinigingen. In deze aanpak worden zij gesteund door de EC en het IMF. Penninga vindt dit positief. Bij een te sterke nadruk op bezuinigingen wordt het groeipotentieel van de economie te zeer aangetast, waardoor de schulden in verhouding tot de omvang van de economie alleen maar nog sterker gaan wegen.
 
De drie door Penninga genoemde factoren zullen de komende maanden nog spelen. Ook na de recente koerswinsten (Robeco Euro Government Bonds boekte in april een netto rendement van ruim drie procent) bieden euroleningen volgens de fondsmanager voldoende kansen op een aantrekkelijk rendement bij een gematigd risico. Institutionele klanten durven door de verbeterde marktomstandigheden weer wat meer risico in de vastrentende portefeuilles op te nemen. Dit komt ook naar voren in contacten met klanten. Penninga: “Een grote nieuwe klant wilde eerst alleen in obligaties met een AAA- of AA-rating beleggen, maar geeft ons nu de ruimte om ook Italiaans staatspapier (met een BBB-rating) op te nemen.”
 
April was een goede maand voor staatsobligaties in het algemeen, maar vooral voor overheidsleningen uit de periferie van de eurozone. Robeco Euro Government Bonds profiteerde hiervan door circa 50 procent van het fonds te beleggen in Italiaanse en Spaanse staatsobligaties. 
 
Actief beleggingsbeleid
“Een actief beleggingsbeleid is in de huidige omstandigheden wel een vereiste”, stelt Penninga. Naast de onzekere economische situatie leiden politieke ontwikkelingen soms tot abrupte verschuivingen in de relatieve aantrekkelijkheid binnen de markt voor Europese staatsobligaties. Het volgen van een index biedt in zo’n geval niet de ruimte die nodig is om uit het ene land en in het andere te stappen, en andere posities in te nemen. Waar eerder marktpartijen nog de voorkeur gaven aan een passief beheer van hun portefeuille met Europese staatsleningen, kiezen zij nu veelal voor actief beheer. Penninga denkt dat de sterke instroom van de laatste maanden in het door hem en zijn collega´s beheerde beleggingsfonds nog wel even aanhoudt.
Deel deze pagina: