By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Pensioenambitie: bewust kiezen en efficiënt uitvoeren

18-02-2013 | Visie | Linda Boersma Op 22 januari jl. vond bij Business School Nyenrode een pensioenseminar plaats met ongeveer 70 bestuurders en directies van pensioenfondsen. Zij voerden een constructieve en open discussie over de ontwikkelingen en keuzemogelijkheden binnen de pensioensector. Met als thema ‘Pensioenambitie: bewust kiezen en efficiënt uitvoeren’.

Het huidige pensioenstelsel is gebaseerd op uitgangspunten uit de jaren vijftig die nu niet meer gelden. Zo is pensioen allang niet meer het voorkomen van bittere armoede, wisselen mensen vaker van baan, zijn de meeste huisgezinnen tweeverdieners en is de groep van zelfstandigen omvangrijk en groeiende. Tegenwoordig wordt pensioen opgevat als de inkomensbasis om vorm geven aan de tijd na een arbeidzame periode.
 
Wat past bij deze ambitie? Een groep initiatiefnemers, bestaande uit Blue Sky Groep, Robeco en TKP, vatten samen met Nyenrode Business School het plan op om bij elkaar te komen met als doel nieuwe keuzemogelijkheden te bespreken en via discussie een stap verder te komen. “Het grootste risico voor het pensioenstelsel is dat er niets gebeurt”, aldus Hans Rademaker, Hoofd Investments van Robeco.
 
Gelukkig ontbreekt het de sector niet aan moed en keuzemogelijkheden voor een efficiënte uitvoering. Voorbeelden zijn het voornemen van PFZW (Pensioenfonds voor Zorg en Welzijn) om te kiezen voor een reëel contract, de mogelijke invoering van de API (Algemene Pensioeninstelling) in Nederland, al is het met restricties, de PPI en de Europese ontwikkelingen en hun invloed op de Nederlandse pensioenmarkt. 
 
Vooruitlopen op de troepen
Het voornemen van PFZW voor een reëel contract heeft veel stof doen opwaaien, en nog steeds. PFZW is een van de eerste pensioenfondsen die openlijk dit voornemen heeft bekendgemaakt en loopt hiermee vooruit op de troepen. Directe aanleiding is de komst van het FTK2 (Financieel Toetsingskader versie 2), dat pensioenfondsen de keuze geeft tussen een nominaal en een reëel contract, een nieuwe vorm in Nederland. Karin Bitter, manager pensioenbeleid van PFZW, legt in haar presentatie uit dat het voornemen een antwoord is op de onhoudbaarheid van het huidige pensioensysteem.
 
PFZW heeft gekozen voor de reële variant. Bij het voornemen is uitgegaan van criteria, waarmee het pensioenfonds wil zich blijven richten op de mogelijkheid tot indexeren en zich inzetten voor een betere bescherming van toekomstige generaties én van de pensioengerechtigden. Onder meer door schokken uit te smeren en een betere verdeling van het zoet en het zuur over de verschillende generaties.
 
De hypothetische overstap naar een nominaal contract zou nauwelijks een verandering betekenen ten opzichte van het huidige contract. Het contract is voordelig voor ouderen, maar nadelig voor jongeren. Een overstap naar een reëel contract geeft echter wel verandering. Het pakt volgens PFZW voordelig uit voor ouderen, maar tegelijkertijd ook voor de toekomstige generaties. Het reële contract zorgt daarom voor een evenwichtiger solidariteit. De middengroep zal minder dan nu ‘profiteren’, maar blijft het beste af van de drie groepen.
 
Het is daarbij van groot belang dat de oude rechten van het originele contract worden ingevaren in het nieuwe contract. PFZW ziet dit als noodzaak, maar verwacht hierbij weerstand van de deelnemers die liever de oude aanspraken niet laten meedoen in de nieuwe regeling en de sturing die daarbij hoort. Het betekent een juridisch risico dat PFZW bereid is te nemen, onder voorwaarde dat de wetgever het proces voldoende ondersteunt met flankerende wetgeving.
 
Het voornemen van PFZW is niet onopgemerkt gebleven. In de media heeft het pensioenfonds veel kritiek over zich heen gekregen en men sprak onder meer van een casinopensioen. “Ook al is het reële pensioencontract voor het grootste deel van de deelnemers voordeliger dan het nominale, het is tegelijkertijd moeilijker uit te leggen. Dat leidt helaas tot misverstanden.” aldus Bitter. PFZW kan deze keuze pas doorvoeren wanneer het FTK2, dat deze keuze faciliteert, klaar is. 
 
 
API verlaagt werkdruk pensioenfondsbestuur
De pensioenwereld kijkt dus met ingehouden adem uit naar de komst van FTK2. Binnenkort wordt in Nederland het concept van de API  publiek gemaakt en volgt een consultatieronde. Toine van der Stee, directeur van de Blue Sky Group die onder andere het beheer uitvoert van de drie KLM fondsen, lichtte de ontwikkelingen toe. Hij is als werkgroeplid betrokken bij de inhoudelijke voorbereiding.
 
De API, de Algemene Pensioen Instelling, is op Europees niveau al enige jaren gemeengoed. “Den Haag”, erkende Van der Stee eerlijk, “heeft er echter geen zin in. De verantwoordelijke minister, Kamp, bewijst Brussel slechts een lippendienst door de API met restricties in te voeren. Dit is mijns inziens ongewenst en alleen met een integrale invoering van de API kan deze uitvoeringsvariant tot wasdom komen en keuzemogelijkheden bieden aan de Nederlandse pensioenwereld.”
 
Op dit moment ligt de focus bij de besturen van pensioenfondsen vooral op vakinhoudelijke deskundigheid. Dat staat op gespannen voet met de wezenlijke taak: een goede strategie uitzetten. Pensioenfondsbesturen ervaren de werkdruk en de bestuurlijke last hoog met steeds meer focus op de details om ‘in control’ te zijn. “Strategie is steeds meer het ondergeschoven kindje” aldus Van der Stee “en een API - mits goed ingevoerd - laat bestuurders besturen, ervaren managers controleren en gespecialiseerde uitvoerders uitvoeren.
 
“In het kort”, zegt Van der Stee, “maakt de API een volledige scheiding mogelijk tussen bestuur en uitvoerder van een pensioenfonds. In een API kunnen de beroepsdeskundigen hun deskundigheid in dienst stellen van meerdere pensioenfondsen. Daarbij kunnen verschillende werkgevers zich bij een API aansluiten. Daarmee ontstaat een constructie waarin de API het integrale pensioenbeheer op zich neemt en het bestuur zich toelegt op de ambitie en het houden van toezicht op een efficiënte uitvoering. Dit verlaagt voor pensioenfondsbesturen de werkdruk en maakt hun bestuurlijke rol meer prominent.”
 
 
Europa als aanjager
Ondertussen zijn naast de ontwikkelingen als de API nog meer vernieuwingen gaande in het Nederlandse pensioenstelsel getriggerd op Europees niveau. Jacqueline Lommen, directeur Europese Pensioenen bij Robeco, merkt echter dat er in Nederland weinig aandacht is voor de Europese wetgeving en innovaties.
 
“Nederlandse pensioensector is omvangrijk, maar naar binnen gericht en we zijn geneigd vooral naar onze eigen nationale problematiek te kijken. Ondertussen is de pensioensector ook onderdeel van de Europese interne markt geworden. De directe impact van Europa op het Nederlandse pensioensysteem is nauwelijks merkbaar. Echter, Europa heeft indirect en op subtiele wijze invloed op alles wat er momenteel in de Nederlandse pensioenpolder speelt.”
 
Europa wordt als bedreiging gezien, maar is dat wel terecht? “Misschien moeten we die vraag anders stellen," zegt Lommen, “en kijken wat Europa ons kan brengen. Dus met open oog kijken naar welke goede pensioenoplossingen er in het buitenland bestaan, die een tussenvorm bieden tussen DB- en DC-regelingen.
 
Er is namelijk veel waarvan we kunnen leren dan wel op moeten voorsorteren en tijdig kennis van moeten nemen. Ook IORP2, de voorziene EU-wetgeving die regels opstelt voor de financiering van pensioeninstellingen is een buitenlandse invloed. De PPI, een Premie Pensioen Instelling, die meer marktwerking in de Nederlandse pensioensector realiseert en waarmee tevens een werkgever zijn werknemers in het buitenland op eenvoudige wijze vanuit Nederland een pensioen kan aanbieden komt ook voort uit EU invloed. En de mogelijke komst van de API.”
 
De pensioensector kijkt soms met argusogen naar nieuwe ontwikkelingen, bijvoorbeeld de premieregelingen.  Aan de ene kant het ‘goede’ DB-pensioen en aan de andere kant het ‘slechte’ kale DC pensioen, waarvan de uitkomst niet vaststaat en waarbij het risico geheel bij de deelnemer zou liggen.
 
“Zo zwart-wit ligt het niet,” aldus Lommen. De pensioenregeling van de toekomst, zoals Lommen zich die voorstelt, is het resultaat van de best practices uit Europa. Een vorm tussen de traditionele DB-pensioenregeling en de individuele premieregeling. “Denk daarbij aan een reëel contract voor bijvoorbeeld de bedrijfstakpensioenfondsen, of de Smart DC-regeling voor alle werkgevers die niet verplicht in een bedrijfspensioenfonds deelnemen. Een Smart DC-regeling is bovendien internationaal gangbaar en goed uitlegbaar voor de deelnemer. Werknemers gaan het pensioen van de werkgever weer waarderen. En, allerminst onbelangrijk, het is houdbaar vanwege IFRS-proof en stabiele premies”.
 
Onlangs werd publiek dat Shell en ING voor DC-regeling hebben gekozen. Lommen: “Dat twee Nederlandse multinationals van dit formaat hebben gekozen voor DC in plaats van het reële contract, geeft richting aan de markt. Wij hopen dat dit aanleiding is voor pensioenfondsen om na te denken over de koers die zij kiezen en deze mogelijkheid daarin mee te nemen. Stilstaan is immers geen optie, er moeten stappen gezet worden.”
Deel deze pagina: