By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

Robeco uses cookies to analyze your visit to this site, to share information via social media and to personalize the site and advertisements in line with your own preferences. By clicking on agree or by continuing on this site, you agree to the above. More information and adjusting cookie settings.

AGREE

By continuing on this site you have agreed to cookies being placed and accessed by this website. More information and adjusting cookie settings.

Twee wijzigingen in visie Financial Markets Research-team

29-03-2012 | Visie | Ronald Doeswijk

De vooruitzichten voor staatsobligaties en aandelen van opkomende markten verslechteren. Robeco Chief Strategist Ronald Doeswijk legt uit waarom.

De visie van het Financial Markets Research-team is op twee punten gewijzigd. Ten eerste zijn ze stelliger in hun overtuiging dat staatsobligaties slecht zullen presteren.

Het team had al een positieve visie op bedrijfsobligaties ten opzichte van staatsobligaties en nu is het team ook positiever over cash. “Voor staatsobligaties hadden we al enige tijd een negatieve langetermijnvisie en die stellen we nu verder naar beneden bij,” zegt Ronald Doeswijk.

Waar is deze negatievere visie van het team op gebaseerd? De rente op staatsobligaties is al gestegen, met de Amerikaanse tienjaarsrente die boven de trading range van rond de 2,00% uitkwam. Zelfs na een lichte krimp ligt de rente nog ongeveer 20 basispunten hoger.

En enkele factoren blijven gunstig voor obligaties. Zo zijn de structurele problemen in de wereldwijde economie niet verdwenen. Het monetaire beleid blijft dus ruim en het lage niveau van de korte rente zorgt ervoor dat de lange rente niet te ver oploopt.

Ruimte voor verdere stijging van de rente op staatsobligaties
Ronald Doeswijk: “Wij denken dat de rente op korte termijn weer gaat stijgen. Historisch gezien is de rente namelijk nog steeds laag, ondanks de stijging van de afgelopen tijd. Nu de ergste spanning over de financiële crisis (in ieder geval tijdelijk) iets is afgenomen, is het waarschijnlijk dat de rente op Amerikaanse, Japanse en Duitse staatsobligaties verder normaliseert, zelfs met het huidige ruime monetaire beleid.

Een andere reden voor de nieuwe visie van het team is dat de redelijke economische cijfers waarschijnlijk doorzetten. Ten eerste is het mogelijk dat beleggers steeds meer de voorkeur geven aan kortlopende obligaties boven langlopende, wat leidt tot een versteiling van de yieldcurve. Ten tweede zouden goede cijfers ervoor kunnen zorgen dat beleggers hun verwachting over toekomstige renteverhogingen aanpassen. “Zelfs een gematigde groei is genoeg voor een geleidelijke normalisatie van de rente,” beweert Doeswijk.

In deze omgeving is de negatieve reële rente op staatsobligaties - de tienjaarsrente op Duitse staatsobligaties van 1,9% vergeleken met de algemene inflatie van 2,6% - nauwelijks een argument voor deze beleggingscategorie te noemen. En de laatste reden voor de beslissing, voegt Doeswijk toe, was dat “de signalen van onze kwantitatieve modellen over de vooruitzichten voor staatsobligaties ook negatief waren.”

Verdere outperformance voor high yield en investment grade
Doeswijk verwacht dat investment-gradeobligaties en high-yieldobligaties het opnieuw beter blijven doen dan staatsobligaties. De bepalende factor is hier de aanzienlijke liquiditeit die beschikbaar is gesteld door centrale banken wereldwijd. “Beleggers krijgen niet alleen te maken met aanzienlijke herstelkansen, maar door deze liquiditeit komen de spreads op bedrijfsobligaties dichter bij hun historische gemiddelde te liggen. De gematigde economische groei is namelijk gunstig voor bedrijfsobligaties,” merkt hij op.

Vooruitzichten voor opkomende markten zwakken af
De tweede wijziging is dat het team minder optimistisch is geworden over aandelen van opkomende markten. Eerder waren opkomende markten de favoriete regio binnen aandelen. Nu denkt het team hetzelfde over opkomende markten en Noord-Amerika. Beide regio's hebben nog wel de voorkeur boven Europa en de Pacific.

Het team is minder enthousiast over opkomende markten omdat die iets van hun magie hebben verloren. Doeswijk wijst op een aantal ontmoedigende ontwikkelingen in de BRIC-landen. Ten eerste zijn de inspanningen van Brazilië voor een minder sterke real geëscaleerd.

Rusland en India kampen met politieke problemen
Ten tweede zijn de begrotingsvooruitzichten van Rusland verslechterd. Volgens een onderzoek van Citigroup moet de olieprijs stijgen naar USD 150/bbl (en minstens op dat niveau blijven) als president Vladimir Putin al zijn verkiezingsbeloftes waar wil maken.

Ten derde maakt Doeswijk zich steeds meer zorgen over de politieke stagnatie in India. De begroting die de regering heeft gepresenteerd noemt hij “teleurstellend en niet ambitieus”.

Vertraagt China?
Tot slot zijn de zorgen over een vertraging in China toegenomen door de vijfde achtereenvolgende maandelijkse daling van de industriële activiteit. Toch waarschuwt Doeswijk voor overhaaste conclusies. “De cijfers uit China zijn op dit moment vertekend door het Chinese Nieuwjaar, dat elk jaar op een ander tijdstip plaatsvindt. Dit maakt het moeilijk om vergelijkingen te maken. Daarom is het nu lastig om de situatie te beoordelen,” zegt hij.

Wat wel duidelijk is, is dat de spanning op handelsgebied tussen China enerzijds en de VS en Europa anderzijds is toegenomen. Dit komt onder andere door kwesties over auto-onderdelen en zeldzame aardmetalen. En een vertraagde levering van Airbus heeft de situatie ook geen goed gedaan.

Zwakkere kwantitatieve ondersteuning voor opkomende markten
Er zijn nog meer factoren die niet langer gunstig zijn voor aandelen van opkomende markten. Na een krachtig herstel van de relatieve performance is het momentum van opkomende markten de afgelopen weken verzwakt. Bovendien liggen de winstherzieningen in opkomende markten onder het marktgemiddelde.

“Aangezien de kwantitatieve ondersteuning voor een uitgesproken positieve visie voor opkomende markten ontbreekt, hebben we ons enthousiasme gematigd,” concludeert Doeswijk.

Aandelen uit Noord-Amerika en opkomende markten hebben regionaal gezien de beste vooruitzichten
Het moet echter wel worden benadrukt dat het enthousiasme van het team voor opkomende markten slechts is afgenomen en dus niet helemaal is verdwenen. Vergeet niet dat opkomende markten nog steeds een redelijke groei laten zien na de vertraging in 2011, terwijl het inflatierisico over het algemeen goed onder controle wordt gehouden.

Daarom hebben aandelen uit opkomende markten en Noord-Amerika betere vooruitzichten dan aandelen uit Europa en de Pacific. Noord-Amerikaanse aandelen worden ondersteund door een stabiliserende huizenmarkt en een gestaag herstel op de arbeidsmarkt.
In Europa daarentegen blijft de recessie zorgelijk en zijn aandelen niet zo goedkoop als over het algemeen wordt aangenomen. En in de Pacific hapert het Japanse herstel. Sterk stijgende energie-importen zorgen voor een tekort op de lopende rekening en verzwakken de yen. Daarnaast zijn de bedrijfswinsten teleurstellend.

Deel deze pagina: